








 |

~ Artemis van Efeze:

<Beeld van Artemis,
Efeze,
Turkije.
Artemis van Efeze of de Vrouwe van Efeze was de laatste en belangrijkste benaming voor de
moedergodin in de
Anatolische mythologie. Volgens de
Griekse mythologie was
Leto de
moeder van Artemis en haar vader
Zeus. Maar dit is een
vergriekste
toevoeging van latere datum, dus uit de
Hellenistische periode. Een Moedergodin
is doorgaans immers zelf
de stammoeder van alle goden en godinnen.
De moedergodin wordt vaak afgebeeld, gezeten op een troon (soms als kraamstoel)
met wilde dieren als armsteun ten teken van haar macht over de natuur.
In
Selçuk
is een beeld van Artemis gevonden waar zij leeuwen in de armen heeft.
Artemis wordt afgebeeld met dieren aan elke kant van het hoofd, in de armen, op
de borst en op haar kleed. Dat zijn dan rammen, geiten, herten, griffioenen en
bijen.
Het gaat om dieren die gedomesticeerd zijn, en sterk met het thema
vruchtbaarheid verbonden, en symbolen die teruggrijpen op de oude
moedergodincultus die met mythische vogels (griffioenen, afgeleid van
gieren)
was geassocieerd. De gier was geassocieerd met de dood, het leven terugnemen
door de
moedergodin, omdat lijken voor de begrafenis een tijd aan ze
overgedragen werden om ontbeend te worden.
Later zijn de tamme kippen van deze
vogels voortgekomen, dankzij de zorg van de vrouwen die ook nog andere dieren
domesticeerden.
Er worden verder ook nog druivenranken en
zodiaktekens afgebeeld ten teken van
de kennis en kunde die de mens (aanvankelijk de vrouw) dankzij de godin heeft
verkregen om de hemel te bestuderen en de seizoenen en de
kalender te kunnen
bepalen. Het beeld houdt de armen recht voor zich uit gestrekt als gevend en
beschermend gebaar. Maar het is mogelijk dat, naar
analogie met veel opgegraven
plaketten van de godin, zij een slang in beide handen hield, appellerend aan de
slangencultus die vanouds met de moedergodincultus is verweven geweest, en
waarvan de
Slangengodin van Kreta een exponent is.
(Zie "Godsbeeld door de eeuwen heen").
Overeenkomstig de afbeeldingen van andere godheden in het
Nabije Oosten en in
het
Oude Egypte, en in mindere mate bij
Griekse, is het gedeelte met de benen
in een
pilaarvormige omwikkeling gehuld, waar enkel de voeten uitsteken. Op de
munten die in Efeze zijn geslagen draagt de schijnbaar veelborstige godin een
muurkroon (zoals van stadsmuren). Dit is ook een attribuut van Cybele (vaak werd
een godin als patrones van een stad of stadstaat afgebeeld, zie “polos”). Op
deze munten rusten beide armen op een staf van gevlochten slangen of van een
stapel ouroboroi, de eindeloze slang met de staart in haar muil.
(Zie "Godsbeeld door de eeuwen heen").
Deze voorstellingen zijn van aard de herinnering in stand te houden van de
zegeningen die de samenleving mocht ondervinden als gevolg van de
matriarchaal
ingerichte landbouwgemeenschap als structuur.
De Vrouwe van Efeze werd beschouwd als de oerbron der dingen zelf.
* De
Halikarnas
Balikçisi zegt over haar:
“Zij is het die de grond opdraagt bloemen en vruchten te dragen.
Zij die de elementen regelt, de scepter zwaait over lucht, aarde en wateren, het
leven der dieren beheerst. Zij die de wilde creaturen temt en getemde creaturen beschermt.
Zij is de Bron van het Al.”
Ze gaf ook genezing en begeleide overleden zielen naar de
onderwereld.
Artemis was bovendien de beschermgodin van de zeelieden, wat zorgde voor een
gemakkelijke verspreiding van de cultus, namelijk van
Egypte tot
Carthago tot de
Franse zuidkusten en
Italië.
De
Grote Beer is aan Artemis gewijd, mogelijk omdat zeelui deze constellatie
als richtpunt gebruikten bij hun navigatie. De
beer
Arcas was geboren uit
Callisto en was de voorvader van de
Arcadiërs. Callisto, Megisto of Themisto
zijn aliassen of
epitheta voor Artemis.
Helvetische stammen uit de omgeving van
Bern vereerden haar als "de Berin", die
nog steeds in het wapenschild van Bern voor komt. Bern betekent ook berin. Soms
werd ze door de
Helvetiërs Artio genoemd, afgekort tot Art door de
Kelten. Zij
koppelden haar aan de beerkoning
Arthur. Volgens de Ieren betekent Art hetzelfde
als God, maar was de eerdere connotatie Godin, voornamelijk de 'Beergodin'.
~ De Amazonen als eerste
priesteressen:
De Griekse ontdekkingsreiziger en auteur
Pausanias vermeldt dat de eerste
priesteressen van Artemis
Amazonen waren. Er werd naar hen gerefereerd als
Melissa (een type
honingbij; de bij komt ook vaak op afbeeldingen voor die aan
de godin zijn gewijd, ook in Egypte).
De plaats van de tempel was ooit als
toevluchtsoord door hen gebruikt zowel tegenover
Herakles als
Dyonisos. En op de
friezen rond de latere tempel waren talloze reliëfs met Amazonen, gemaakt door
Griekse beeldhouwers. Men beweerde dat de Amazonen de stichtsters van de stad
Efeze waren geweest.
De protuberanties vooraan de
borst van de twee beroemde beelden van Artemis worden uiteenlopend
geïnterpreteerd. Sommigen zeggen dat het inderdaad vele borsten zijn ten teken
van vruchtbaarheid en overvloed. De Grieken hadden haar de bijnaam Polimastos
gegeven (veelborstige). Anderen beweren dat het eieren zijn, als teken van
vruchtbaarheid. De Zwitserse onderzoeker G. Sheiterle beweert dat het de
testikels van geofferde stieren zijn. Artemis was inderdaad ook gekend onder
de bijnaam Tauro of Tauropolos. En in
Tauris (de Crimea) offerden in mythische
tijden de priesteressen van hogepriesteres
Iphigenia alle mannen die er voet aan
wal zetten en staken hun hoofden op palen ter afschrikking voor andere
nieuwsgierigen. De mensenoffers zouden later, in historische tijden, hebben
plaats geruimd voor stierenoffers. Ook in
Babylon was het inderdaad nog lange
tijd gebruikelijk dat stieren als de vertegenwoordigers van de minnaars van de
godin Ishtar mochten worden geofferd en dat hun testikels aan de godin werden
aangeboden. Maar volgens sommigen kan deze interpretatie niet als mogelijke
verklaring worden volgehouden.
Tegenwoordig beschouwt men de “eieren” van de Vrouwe van Efeze als een
iconografische erfenis van de
amberen kalebasvormige druppels, die elliptisch
zijn in doorsnee en doorboord om op te hangen, zoals er in
1987 -
1988 werden
opgegraven.
Ze bevonden zich
in situ waar door een stormvloed in de
8e eeuw v.Chr. het oude houten beeld was weggespoeld. Dit soort borstversiering was toen
reeds ontwikkeld doorheen de
Geometrische periode.
~ Artemiscultus en internationale invloed:
Zoals Cybele werd de godin van Efeze bij erfopvolging gediend door
hiërodulen,
die megabyzae werden genoemd, en door
korai.

De
tempel van Artemis in Efeze lag midden in een regio met sterke economische
verankering, die bezocht werd door handelslui, zeevaarders en reizigers van
overal in
Klein-Azië en rond de Middellandse zee. Als cultusplaats was er
invloed vanuit al de geloofsovertuigingen van die streken. Men kan de
tempel van Efeze beschouwen als een
bedevaartplaats voor de aanhangers van de talloze
erediensten, die er elk hun eigen visie op de godin in projecteerden. De Efeziërs vereerden
Cybele, maar incorporeerden veel van hun eigen geloof in de
dienst van Artemis. De Artemisische Cybele contrasteerde dan ook heel erg met
haar Romeinse tegenhangster
Diana. De Artemiscultus trok duizenden bezoekers uit
verre landen, die allen ter plaatse vergaderden en haar vereerden.
Er was vanouds ook een nauwe wederzijdse invloed met
Kreta.
~ Artemis voor de Grieken tegenover
de ‘Vrouwe van Efeze’:
< Synthese van Artemis van Efeze: 18e eeuwse gravure van een Romeins marmerbeeld,
kopie van een Griekse replica van een verloren
xoanon uit de
Geometrische periode.
Van de Olympische godinnen die veel aspecten aan de
Grote Godin van
Kreta
te danken hadden was
Pallas Athena degene die, meer dan Artemis, vereerd werd in
Athene. Maar in
Klein-Azië, meer bepaald in
Efeze, werd een
godin die de Grieken
met Artemis associeerden hartstochtelijk aanbeden in een
archaïsch en alleszins pre-Hellenistisch cultusbeeld. Het was een houten beeld, dat voortdurend met
juwelen werd versierd.
Robert Fleischer identificeerde de verwisselbare stukken
die als decoratie voor het primitieve
xoanon werden gebruikt als tekenen van
vruchtbaarheid. Sedert de
christelijke aanvallen van
Minucius Felix en
Hiëronymus van Stridon op al wat
heidense volksreligie was waren ze als borsten
of als “eieren” beschouwd.
Artemis was voor de Grieken de tweelingzuster van
Apollon en de maagdelijke
jachtgodin, die de
Titane
Selene verving als
Maangodin.
Moderne geleerden zijn mogelijk nog meer begaan met de Vrouwe van Efeze en haar
iconografie dan haar echte aanhangers ooit zijn geweest, en pogen een
syntheseverslag van deze godin te maken door documentatie bijeen te brengen die
vanaf haar origine over meer dan een millennium reikt. Daardoor wordt mogelijk
onterecht een
pseudo-uniform beeld van een schijnbaar onveranderlijk icoon
opgehangen, al is de cultus van de
moedergodin op zich, maar onder
verschillende namen, een continu gegeven in de regio.
Een
votiefinscriptie, vermeld door
Florence Mary Bennett, waarschijnlijk
daterend uit de
3e eeuw v.Chr. associeert de Vrouwe van Efeze zelfs in die tijd
nog met
Kreta:
“Aan de Genezer van ziekten, aan Apollo, Gever van Licht aan de
stervelingen, heeft Eutyches als
votief offer (een beeld van) de Kretenzische
Vrouwe van Efeze opgericht, de Lichtbrengster.”
De Griekse
syncretismegewoonte assimileerde alle vreemde godheden onder een of
andere vorm met het vertrouwde
Olympische pantheon. Het is ook wel duidelijk dat
de identificatie van de Vrouwe van Efeze als Artemis, die de
Ionische settlers
van
Efeze maakten, maar erg magertjes uitpakte.
~ Relatie met Apollon:
Apollon was aanvankelijk in de
Frygische mythologie een hond of een bewaker van
Artemis met een wolvengezicht. Mettertijd kreeg hij veel van haar attributen op
zichzelf geprojecteerd, wat enigszins zijn vervrouwelijkt uiterlijk verklaart,
en werd Artemis als zijn zuster beschouwd. Hij evolueerde daarna bij de Grieken
tot de god van de poëzie, de muziek, magie, therapie en profetie. De priesters
van de Apollondienst bij het
orakel in
Delphi wisten met de door henzelf
uitgevaardigde profetieën stilaan te bewerken dat steeds meer nadruk kwam te
liggen op
Apollon en het Apollinische aspect in de samenleving (bijvoorbeeld
kreeg
Orestes de raad zijn moeder te doden). Dit zou er mettertijd mede hebben
toe bijgedragen dat de aanvankelijk
matriarchale cultuur stilaan in een
patriarchale werd omgezet. Alsmaar meer nieuwe patriarchaal geïnspireerde wetten
en principes raakten algemeen van toepassing onder het 'stempel' van de
voorbeeldige
Apollon.
De mythe van de overwinning van
Apollon op de
python, symbool van
oerslang en
godin, dat aanvankelijk middels de
pythia het orakel overheerste, wordt door
sommigen aanzien als een
allegorie voor deze omwenteling in de menselijke
samenleving, die in het
collectief geheugen wordt meegedragen.
~ Recuperatie door het christendom:
Beide Artemisbeelden in Efeze zijn intact in zand ingegraven teruggevonden. Men
neemt aan dat ze met opzet in een schuilplaats verborgen zijn om ze voor de
beeldenstormers van het nieuw opkomend geloof te behoeden.
De
tempel van Artemis in Efeze was een van de
zeven wereldwonderen. Het werd
daarna
de grootste van zeven kerken van het nieuwe
christendom in de
4e eeuw.
Maar in
406 werd het kunstwerk geheel met de grond gelijk gemaakt en werden
relicten ervan (en van de Artemiscultus zelf) opgenomen in het
christendom. De
reusachtige zuilen werden naar
Istanboel gebracht om in de
Hagia Sophiakerk te
dienen, waar ze nog steeds zijn te bezichtigen. Een generatie later, in
432 werd
in Efeze een nieuwe kerk gebouwd ter ere van de Goddelijke Moeder (Maria). Het
Oecumenisch Concilie van
431, dat in
Efeze plaats vond, had de rol van Maria als
moeder van
God willen tenietdoen. Alle pogingen daartoe moesten echter worden
gestaakt vanwege de woede der Efeziërs zelf die toen om de terugkeer van hun
Artemis begonnen te schreeuwen. Vanaf dan was binnen het
christendom zeer in het
geheim door sommigen geijverd voor de heiligverklaring van Maria, als surrogaat
voor Artemis. Een resultaat daarvan was het gerucht dat Maria de rest van haar
leven in
Efeze zou hebben doorgebracht en daar ook was overleden en begraven.
(Ook
Isis werd
gespiegeld aan
Maria)!
Efeze was vanwege de Artemiscultus van het begin van het
christendom een
moeilijk in te nemen vesting. Toen
Paulus er voor het eerst het
christendom
wilde brengen werd hij na zijn toespraak uit het
amfitheater verdreven en bleef
het publiek met vereende stem nog twee uur lang scanderen: “Groot is Diana (Artemis)
van de Efeziërs”. (cf. Handelingen 19:34). En vier eeuwen later dwongen de
Efeziërs het
christendom opnieuw Artemis weer in zijn kringen op te nemen.
In
polytheïstische religies gebeurde de eredienst buiten de tempel, die zelf als
het huis van de godheid werd beschouwd. De beelden werden bij speciale
gelegenheden naar buiten gebracht voor het brengen van offers. Schaalmodelletjes
van het beeld en van de tempel werden verkocht voor inkomsten voor de
tempeldienst. In
Efeze begonnen de
christelijke priesters ook iconen te verkopen
en tentoon te stellen, wat ook voor hen een extra bron van inkomsten opleverde.
Maar in
717 verbood
keizer Leo III van Byzantium het maken, verkopen of
exposeren van alle afbeeldingen.
Deze maatregel bleef van kracht tot
842. Die
periode was die van de
iconoclasten.
Volgens sommigen was de motivatie erachter
niet zozeer door vroomheid ingegeven, als wel door politieke ijver om de macht
van de tempels financieel te fnuiken.
In ieder geval kwam de eredienst van
godin Artemis tóch nog definitief ten einde.


Bron:
Wikipedia
 |