Herfst (of najaar) is één van de vier seizoenen.
De herfst loopt (ten noorden van de evenaar) officieel van 21 september t/m 20 december,
maar het astronomisch bepaalde begin van de herfst is de herfstnachtevening
(rond 23 september op het noordelijk halfrond en rond 20 maart op het zuidelijk halfrond).
De zon gaat dan door het herfstpunt en de dag en de nacht zijn nagenoeg even lang.
De herfst eindigt met de winterzonnewende
(rond 22 december op het noordelijk halfrond en rond 21 juni op het zuidelijk halfrond).
Om praktische redenen begint de meteorologische herfst eerder,
op 1 september op het noordelijk halfrond en op 1 maart op het zuidelijk halfrond.
Deze duurt dan tot 1 december respectievelijk 1 juni.
Feestdagen tijdens de herfst zijn Mabon en Samhain.
Drie maanden dragen de herfst met zich mee.
Elk van die maanden heeft zijn specifieke eigenschappen.
Ons eerste hefstfeest is Mabon, de periode wanneer de
Grote God afgestorven is en zijn weg herneemt naar Hades, om
daar te wachten op zijn wedergeboorte met Yule.
Ons Nieuwjaar, het pagan en heksennieuwjaar, start weerom vanaf 31 oktober (Samhain),
daarom eindigen we hier met de herfstperiode.
De herfstperiode is voor wiccans de era van het vergaan van het licht,
de periode waar leven en dood het dichtst bij mekaar liggen en de doden worden herdacht
(Samhain ofwel Halloween).
Kies hieronder één van de herfstmaanden.
De Paganfeesten voor de herfstmaanden zijn Mabon en Samhain.