|
  

  




Botanische naam:
Artemisia vulgaris.
Engels: Mugwort, Duits: Beifuß, Frans: Armoise.
Samengesteldbloemigen Compositae.
Andere namen: Sint-janswortel, Moxa-ai ye, Folium artemisiae argyi.
Afkomst: Gematigd Europa en Azië.
Deel van de plant dat gebruikt wordt: Bladeren, het beste geknipt vlak voor het
bloeien.
Sensorische kwaliteit: Bitter en aromatisch.
De bijvoetplant is erg sterk, ontzettend mooi en staat goed vast in de grond met
haar zodevormende wortels.
Bijvoet groeit rechtop en kan ruim 120 cm hoog worden. Het nadeel van bijvoet is
echter dat de plant snel te groot en te breed wordt voor een bescheiden
kruidentuin. Opvallens zijn de decoratief ingesneden bladeren, groen aan de
bovenkant en grijsviltig behaard aan de onderkant. De stengel is vaak enigszins
rood aangelopen.
Bovenaan vertakt hij zich en vormt aan de uiteinden nietige bloemhoofdjes, die
in langwerpige pluimen rechtop staan. De plant is erg geurig en werd daarom
gebruikt om wijn te kruiden. De plant bloeit van juli tot oktober. Bijvoet bevat
veel looizuur en bitterstof, vandaar haar geneeskrachtige eigenschappen.
Deze blijvende plant met zijn merkwaardige geur vormt een groot aantal vertakte
stengels, die veervormig ingesneden bladeren dragen. De bladeren zijn van boven
glad en glanzend groen en van onderen wit en viltig. Aan het bovenste gedeelte
van de stengel verschijnen dichte aren in de oksels van de bladeren. Samen
vormen ze een langgerekte pluim. Een aar bestaat uit talrijke gele bloemkorfjes
waarin alleen buisvormige schijfbloempjes zitten. Aan één plant rijpen duizenden
onbehaarde vruchtjes. Bijvoet behoort tot de kruiden die sinds mensenheugenis
een rol spelen in magie en geneeskunde. Men maakte er een drank van die de
levenskracht zou opwekken. Ook werd er een smaakstof voor bier aan onttrokken.
De bijvoet groeit langs heggen, in bermen en op stortplaatsen.

* Hoofdbestanddelen:
De essentiële olie (0,03 tot 0,3%) bevat een rijkdom aan verschillende terpenen
en terpeenderivaten, bv. 1,8-cineol, kamfer, linalool, thujone, 4-terpineool,
borneol, a-cardinol en verdere mono - en sesquiterpenen. De kwantitatieve en
kwalitatieve samenstelling varieert sterk door grond, klimaat, het bevruchten en
oogsttijd.
Bijvoet vind je langs bijna alle veldwegen. In het voorjaar zijn het groene
toefjes die langzaam uitgroeien tot een tak met donkergroene bladeren. Als je de
blaadjes omdraait, zie je een grijze onderkant.
Die blaadjes legden pelgrims vroeger in hun schoenen om langer te kunnen stappen
zonder moe te worden. Het kruid heet niet voor niets bijvoet, dachten ze.
Nu, het gedacht alleen al kan soms wonderen doen, want wetenschapslui hebben het
kruid onderzocht en vonden niet meteen wonderbaarlijke stoffen, die je in een
roes van zevenmijlslaarzen brengen.
Het enige wat ze vonden was een samentrekkende stof in bijvoet.
Die zorgt ervoor dat je voet niet te vlug gaat zweten. Je krijgt niet zo vlug
weke voeten.
Bijgevolg heb je minder kans op voetblaren.
Bijvoet is een vrij harige, overblijvende en geurige plant. De plant wordt
ongeveer 1 meter hoog.
De bladeren zijn vederig en diep ingesneden. De bovenkant is donker groen. De
onderkant is witviltig en behaard.
Het kruid is te vinden op braakliggend terrein en naast wegen, spoordijken en
akkers.
Bijvoet bloeit van augustus tot september met roodbruine of gele bloemen. De
bloemen zijn vrij klein en staan in lange smalle trossen aan de top van de
stengel. De stengel is vaak rood/paars aangelopen.

* Herkomst van de
benaming "Artemisia vulgaris":

Artemisia was de zus en vrouw van de Grieks/Perzische koning Mausolus en ze
regeerde na zijn dood in 353 v. Chr. over Halicarnssus en deze omgeving (het
huidige Turkse
Bodrum).
Om haar te eren bouwden ze een kolossaal graf, het "Mausoleum" genaamd, dat
trouwens één van
de zeven wereldwonderen is.
Artemisia was ook een beroemd plantkundige en medische onderzoekster.
Tweehonderd, bijna allemaal aromatische planten, zijn van het geslacht
Artemisia en zijn naar haar vernoemd.

Het
mausoleum van Halicarnassus: (Het vijfde wereldwonder).
Doordat dit bouwwerk niet was opgedragen aan de goden van het oude
Griekenland heeft dit een speciale plaats in de geschiedenis gekregen. De
beelden immers betroffen hier geen goden.
Mausolus:

Mausolus was satraap (vorst) van de Perzische provincie Carië die overleed
351 v. Chr. (het tweede jaar van de 107de olympiade). Zijn residentie stond
in de stad Halicarnassus, de huidige stad Bodrum. Deze Mausolus had geen
opwindend leven, behalve de bouw van zijn grafmonument. Dit project was
ontworpen door zijn vrouw Artemisia, die tevens zijn zuster was. Helaas
heeft deze vorst het bouwwerk nooit afgezien, het werd voltooid drie jaar na
zijn dood en één jaar na die van zijn weduwe.
Het mausoleum:
Het mausoleum had een bijna vierkante vorm. De oost- en westzijde waren iets
lager dan de andere zijden. Het gebouw werd geplaatst op een voetstuk van 38
bij 32 meter. Hierop stond rondom een Ionische zuilengang. Een in 24 delen gelaagde piramide bekroonde het geheel.
De totale hoogte van het gebouw was 45 meter, bedroeg 1216 m², en was als
volgt onderverdeeld:
~
20 Meter voor het podium van trappen.
~ 12 Meter voor de zuilenrij. ~ 7 Meter voor de piramide. ~ 6 Meter voor de strijdwagen op de top van het mausoleum.
De buitenkant van het geheel werd gemaakt van blauw kalksteen en blokken van
wit marmer, terwijl binnenin groene vulkanische steen was gebruikt. Het
geheel werd ondersteund en droog gehouden door afvoerbuizen en onderaardse
gangen. Dit prachtige monument kreeg een al even schitterende plek op een
ommuurd terrein, van ongeveer 2,5 ha groot. Een monumentale poort aan de
oostzijde diende als ingang.

Vijf van de beste Griekse beeldhouwers hadden opdracht gekregen het geheel
met beeldhouwkunst te versieren; Scopa, Bryaxis, Leochares, Timotheos en
Praxiteles. Volgens de verhalen nam iedere beeldhouwer een zijde voor zijn
rekening en de vijfde beeldhouwer verzorgde de strijdwagen.
Deze strijdwagen stond bovenop de piramide en werd getrokken door paarden
die leken op te stijgen.
In deze wagen waren twee personen afgebeeld
namelijk de koning en de koningin.
De meeste schoonheid van dit wonder is gaan zitten in de versieringen en de
standbeelden die de beeldhouwers aan de diverse zijden en op het podium van
het mausoleum hebben aangebracht.
Dit waren beelden in verschillende maten,
kleiner dan levensgroot of veel groter dan levensgroot.
Het betrof zowel
personen, leeuwen, paarden en diverse andere dieren.
Doordat dit bouwwerk niet was opgedragen aan de goden van het oude
Griekenland heeft dit een speciale plaats in de geschiedenis gekregen. De
beelden betroffen hier immers geen goden.
Verval:
Het is jammer genoeg niet precies bekend wanneer de tombe instortte.
Het is
heel goed aannemelijk dat dit gebeurde naar aanleiding van een aardbeving.
Toen Columbus Amerika ontdekte bestond dit monument nog, volledig intact!

In het begin van de 15e eeuw vielen de Ridders van St. Jan van Malta het
gebied binnen en begonnen aan de bouw van een massief kruisvaarderkasteel.
In 1494 besloten ze dit te versterken en gebruikten hiervoor de brokstukken
van het Mausoleum.
In 1522 was er niets meer over van de ooit zo fabelachtige
graftombe, wél staat nog steeds het kasteel in Bodrum overeind.
Hierin zijn
nog wel de gepolijste stenen en marmeren blokken van het mausoleum te
bewonderen.

In de middeleeuwen
dacht men dat Johannes de Doper een krans van bijvoet om zijn middel droeg en
daarom noemt men de plant ook wel sint - janwortel. De wortel van bijvoet werd
tegen de muur van een huis gespijkerd om de duivel of andere boze geesten te
bannen. Er werden ook gevlochten kransen van bijvoet aan een huis of schuur
bevestigd om het te beschermen tegen brand en blikseminslag.
Bijvoet wordt van oudsher gebruikt om vermoeide reizigers te laten opknappen en
hen tegen boze geesten en wilde dieren te beschermen. Romeinse soldaten legde
het in hun sandalen tegen pijnlijke voeten, vandaar de naam 'bij'-voet. In 1656
schreef William Coles: " Als een infanterist het 's ochtends in zijn schoenen
legt, kan hij voor de middag 40 mijlen afleggen zonder vermoeid te worden" .
*
Homeopathisch:
Een kleurloze of lichtgele vloeistof met een krachtige, kamferachtige, bittere,
zoete, kruidige geur.
Mengt goed met eikenmos, patchouli, rozemarijn, lavandin, den, salie, scharlei
en cederhout
Bijvoet is een inheemse plant met paarsachtige stengels, donkergroene bladeren
en kleine gele bloemen, die vaak in het wild groeit. De bloemscheuten, die zowel
vluchtige olie als bittere stoffen en looizuur bevatten, worden vanouds als
kruid gebruikt. Uit oude verhalen is moeilijk op te maken of Bijvoet gebruikt
werd vanwege zijn neutraliserend effect op vette spijzen dan wel vanwege zijn
kruidige smaak.
De faam als geneeskrachtig kruid vindt zijn oorsprong in middeleeuws bijgeloof.
Het kruid werd gebruikt om reizigers te beschermen tegen boze geesten en wilde
dieren. Met Bijvoet in de schoenen kon men voettochten maken zonder dat de
voeten moe werden, vandaar de naam bij~voet. Ook heden wordt het nog wel
gebruikt als additief in voetbaden. De wortel van Bijvoet werd aan de huisdeur
of een muur bevestigd om de duivel en andere boze geesten te bannen. Gevlochten
kransen van Bijvoet moesten huis of schuur beschermen tegen brand of
blikseminslag. Eveneens dacht men dat Johannes de Doper een krans van Bijvoet om
zijn middel droeg, daarom noemt men de plant ook wel Sint-Janswortel.
De etherische olie wordt gewonnen door waterdamp distillatie van de bloeitoppen.
Het is een kleurloze tot lichtgele vloeistof met een bitterzoete, kamferachtige
geur. Door het hoge thujon gehalte is de olie giftig en daarom minder geschikt
voor de Aromatherapie.

*
Enige toepassingen van Bijvoet:
Bijvoet kan o.a. gebruikt worden bij; stoornissen in de menstruatie, hik,
vermoeide voeten, vallende ziekte, krampen, winderigheid en worminfecties.
Bijvoet kan huid en slijmvliezen irriteren.
Bij vermoeide voeten; meng 10 druppels Bijvoet met een beetje melk, room of
honing.
Voeg dit mengsel toe aan een warm voetbad en baad 15 min.
Aromatisch verdampen:
6-10 Druppels bijvoet in de aromalamp maken beslissingen nemen
gemakkelijk en zijn een steuntje in de rug bij te ondernemen stappen.
De meeste etherische oliën kunnen niet zonder risico ingenomen worden.
Gebruik
etherische oliën uitsluitend inwendig als u voldoende kennis heeft of raadpleeg
een (homeopatische) arts. Over het algemeen is echter de werking bij uitwendig
gebruik sterker dan bij inwendig gebruik.

Contra-indicatie:
Oraal toxisch door het hoge thujon gehalte.
Niet gebruiken tijdens de zwangerschap (abortivum).
Spiritueel gebruik:
(Sjamanisme)

De Noord Amerikaanse Indianen gebruiken verschillende soorten bijvoet
(Artemisia), al of niet samen met andere planten, voor zuiveringsceremoniën
waarbij plaatsen of mensen worden gereinigd. De gedroogde planten, meestal
samengebonden tot een bundel die 'rookstaaf' genoemd wordt, worden verbrand om
gewijde rook te produceren. Verwarring is bepaald niet uitgesloten, omdat
verschillende variëteiten van de bijvoet in Amerika bekend staan als salie of
wilde salie, ofschoon ze tot een heel andere plantenfamilie behoren.
In de middeleeuwen en tijdens de renaissance placht men in Europa bijvoet in
huizen op te hangen om de bewoners tegen het kwaad te beschermen.
WAARSCHUWING: De gedroogde plant kan zonder bezwaar op de bovenbeschreven
manier worden gebruikt.
De essentiële olie van bijvoet is niet ongevaarlijk en
mag NOOIT tijdens de zwangerschap gebruikt worden.
Algemeen:
In de Middeleeuwen meende men dat bijvoet bescherming bood tegen hekserij en de
duivel. De plant groeit langs paden en karrensporen en staat mensen bij op hun
"levenspad".
Het erg bittere aftreksel (alsem) van de knoppen werd als maagbitter aangewend.
Er zijn nog een heleboel andere aandoeningen waarbij bijvoet soulaas kan bieden:
pijn, koorts, buikkrampen, epilepsie, verstuikingen, overtollig zweten,... Er
zijn wel een aantal beperkingen qua gebruik van de bijvoetplant. Grote dosossen
moeten vermeden worden, aangezien ze giftig zijn. Bovendien kunnen zwangere
vrouwen best geen bijvoet gebruiken. Zij zijn immers gevoeliger voor het thujon
van de etherische olie.
De kleine trosjes nog gesloten bloemknopjes kunnen we
bovendien als keukenkruid gebruiken.

Een andere variant is de bijvoetwol: dit geneesmiddel werd als volgt gebruikt.
De wollige stof wordt ineen gerold tot een kleine kegel, die met speeksel aan de
huid van het aangedane lichaamsdeel wordt vastgekleefd en vervolgens in brand
gestoken. De hierdoor ontstane brandwond zou dan door te gaan etteren de patiënt
genezing brengen. Dit principe is gebaseerd op een eeuwenoude Oosterse gewoonte.
Naast z'n geneeskrachtige eigenschappen, was bijvoetkruit volgens de legendes
ook nog tot heel wat andere dingen in staat. Het beschermde de mens tegen
dieren, ratten, muizen en vliegen. Het beveiligde het huis tegen brand en boze
geesten. Behekste melk, boter en eieren werden door het aanraken met de plant
onttoverd. Is men zelf betoverd dan volstaat het driemaal met een bosje bijvoet
op de grond te slaan om de toverkracht te breken.
*
Eigenschappen:
Stimulerend voor het zenuwstelsel, menstruatie opwekkend en regulerend,
zweetdrijvend, galopwekkend en bitter-tonisch.
Inwendig
gebruik:
Bij vertraagde en pijnlijke menstruatie.
Bij onregelmatige menstruatie met
weinig bloedverlies.
In beginstadia van verkoudheden en koortsen.
Bij indigestie met weinig eetlust en maagkrampen.
Bij misselijkheid met zware hoofdpijn.
Bij depressie met lever- en ingewandsstoornissen.
Tegen nervositeit bij verzwakte mensen.
Nuttig bij artritis en jicht.
Bij ingewandswormen.
Uitwendig
gebruik:
Kompressen van bijvoetazijn zijn goed bij kneuzingen en ontstoken gewrichten.
Nogmaals
Opgelet! Gebruik geen bijvoet tijdens de zwangerschap en bij het geven van borstvoeding.
Gebruik het niet lang achtereen zonder advies van een arts.
Folklore: Bijvoet wordt van oudsher gebruikt om vermoeide reizigers te laten opknappen en
hen tegen boze geesten en wilde dieren te beschermen. Romeinse soldaten legden
het in hun sandalen tegen pijnlijke voeten.
* Bijvoet in bereidingen:
Bijvoet werd door arme mensen als tabak gebruikt, afzonderlijk of met andere
kruiden en bier werd ermee gekruid. Net als het dicht verwante citroenkruid, wordt bijvoet slechts nu en dan
gebruikt als kruid. De lichte bittere smaak past het best bij vette vis of vlees
(het wordt soms voorgesteld voor gans of schaap); soms wordt het gegeten als
rauwe salade. De belangrijkste toepassing van bijvoet, schijnt gebraden gans te zijn, wat een
traditioneel Kerstdiner is in Duitsland (Weihnachtsgans). In het makkelijkste
geval, worden een paar takjes van bijvoet geplaatst in de holte van de vogel
vóór het bakken; als de gans moet worden gevuld, wordt de vulling vaak op smaak
gebracht met bijvoet. De populairste vulling voor deze feestelijke schotel is
gebaseerd op appelen en kastanjes, welke goed samen gaan met Mediterrane
kruiden.
De bijvoet is een overblijvende plant die wel wat weg heeft van de alsem. Ze
ruikt echter, in tegenstelling tot de alsem, helemaal niet sterk en is alleen
aan de onderkant van de blaadjes zilverkleurig. De bloemetjes zijn klein, een
beetje geel en ruiken citroenachtig als je ze fijnwrijft. De Latijnse naam heeft
ze gekregen van Artemisia, vrouw van Mausolus, koning van Halicarnassus. De
Nederlandse naam komt voort uit biboz of bivot, dit betekend slaan of kloppen.
Het was dan ook een magisch kruid waarmee vroeger boze geesten werden
uitgedreven of uitgeklopt. Bijvoet kan 1,5 meter hoog en vrij bossig worden. Ze komt algemeen voor in
Nederland waarbij ze het meest houd van een zonnige standplaats en steenachtige
grond. Ze hoort thuis in de composieten familie. Een familie die van oudsher
kruiden levert die goed zijn voor de spijsvertering. Dat is ook meteen waarvoor
de bijvoet gebruikt werd. Als toekruid bij zwaar verteerbare gerechten. En niet
te vergeten: ze was en is een waardevol ingrediënt van vele kruiden- en
maagbitters en likeuren.
In de keuken is bijvoet te gebruiken om vette spijzen beter verteerbaar te
maken. In Duitsland wordt ze juist om die eigenschap gekweekt. Ze wordt daar
veel toegevoegd aan varkensvlees en ganzenvlees gerechten. Ze geeft gerechten
een licht frisse smaak.
Gebruik de bloemknoppen als ze nog net niet helemaal uit zijn. In het voorjaar,
als de plant nog niet in de bloei staat kun ook je de blaadjes gebruiken. Eerste bloei (juli - augustus).
Tweede bloei (augustus - september). Bijvoet bloeit zowat van augustus tot september met roodbruine of gele bloemen.
De
bloemen zijn vrij klein en staan in lange smalle trossen aan de top van de
stengel, de stengel is vaak rood/paars aangelopen.
Aardappels met Heksenkruiden:
*
Benodigdheden: - Het aantal aardappels naar eigen keuze. -
Een
handjevol gemengde wild kruiden (bijvoetknoppen, zevenblad, look zonder look,
hondsdraf, witte dovenetel, tijm en wilde marjolein). -
3 Teentjes knoflook. - Olijfolie om de aardappels in te bakken.
- Zout, peper en, naar eigen smaak, knoflookpoeder, kerriepoeder of
paprikapoeder.
*
Bereiding: Kook de aardappelen in zout water en maak er gebakken aardappelen van
in olijfolie gebakken.
Was de kruiden en snij
ze zeer fijn. Strooi ze over de aardappels en mengel het geheel door elkaar.
Voeg tot slot de fijngehakte teentjes knoflook toe en bak die mee. Laat
zéker en vast de knoflookteentjes
niet
bruin bakken!
Breng de
aardappels op smaak met nog wat extra zout, peper en knoflookpoeder of
kerriepoeder ofwel paprikapoeder (naar eigen smaak), indien je er wat meer
pit en smaak wilt aan geven.
Dit hangt natuurlijk af van het soort vlees dat je er eventueel bij wilt
eten. Met koteletten raad ik ten stelligste nog wat extra kerriepoeder aan!
Het extra knoflookpoeder dient als versterker van de knoflookteentjes, die
op zichzelf bijna geen smaak afgeven aan het gerecht zelf. Smakelijk Eten!
  
Bijvoet (Venus, lucht): stop in je schoen voor bescherming en om fatigue
te vermijden. Bijvoetthee wekt helderziendheid op. Smeer verse bladeren over
divinatie spiegels en kristallen ballen. Voeg toe aan divinatie en
helderziendheid wierook. Krachtige beschermer. hang in huis tegen bliksem,
plaats onder de drempel om ongewenst bezoek buiten te houden. Vul een kussen om
levendige dromen op te roepen.
De Bijvoet was in voorchristelijke tijden al een cultusplant, ook binnen de
kruidengeneeskunde werd het al gebruikt door de Germaanse, Keltische en
Slavische volkeren om het baren te vergemakkelijken en allerlei vrouwenproblemen
te genezen. Dioscorides schreef dat de Bijvoet nuttig was om de maandstonden op
te wekken en de geboorte uit te lokken. Hoe belangrijk het kruid was is ook af
te leiden van de namen die het kruid kreeg in oude kruidenboeken, zoals ‘Mater
Herbarum”. Grappig is dat Culpeper het in de 17de eeuw aanbeveelt tegen een
opiumoverdosis. In de christelijke cultuur staat Bijvoet bekend als een St.
Janskruid, omdat ze rond St. Jan bloeit (24 juni). De plant is ook samen met het
Citroenkruid en de Absintalsem, een bestanddeel van de Europese kruidenbundels
die men op 15 augustus (Maria-Hemelvaart) laat wijden. Tabernaemontanus (+ ca.
1590) getuigt hiervan in de postume uitgave anno 1613 van zijn kruidenboek en
meldt dat de vrouwen (vertaling):”…..nog steeds dit kruid (Absintalsem) in hun
kruidenbundels, samen met andere kruiden, inzamelen en er heel eigenaardige
afgoderijen en gekkenwerk mee bedrijven.” De samenstelling van de deze kruidwis
varieert per streek, meestal gaat het om welriekende kruiden met een
geneeskrachtige reputatie. Zo vormen het erg geurige Boerenwormkruid en de
Bijvoet de kern van de Nederlandse kruidwis. De kruidwis wordt na de wijding
opgehangen in stal of huis om onheil af te weren.

Magische richting:
Geslacht: Vrouwelijk. Planeet: Venus. Element: Aarde. Goden
~ Godinnen: Artemis, Diana. Krachten: Kracht, Psychische Krachten, Bescherming, Voorspellende Dromen,
Genezen, Astrale Projectie.
*
Gebruik:
Bijvoet is een beproefd middel tegen negatieve invloeden van buiten. Het beste
kan men gedroogde bijvoet branden.
Als je bijvoet in een kruidenzakje bij je draagt, beschermt de plant tegen
negatieve trillingen en boosaardigheid.
Bijvoet bevordert de menstruatie en helpt bij de bevalling.
Daarom hielden barende vrouwen vroeger een bosje bijvoet in hun handen.
Doe Bijvoet in je schoen tijdens lange wandelingen, je moet de Bijvoet dan wel
voor zonsopgang, terwijl je de volgende spreuk zegt: “Tollam te artemisia, en
lassus in via”. Op een kussen gevuld met Bijvoet kun je slapen als je
voorspellende dromen wilt hebben. Bijvoet gebrand samen met Sandelhout wordt
gebruikt tijdens rituelen. En een Bijvoetthee kan ook gedronken voordat je
voorspellingen gaat doen, met deze thee kun je ook kristallen en magische
spiegels wassen en men kan rond de voet van een kristal Bijvoetbladeren plaatsen
om de werking te versterken. Als je Bijvoet bij je draagt, hebben giftige dieren
geen vat op je, kun je geen zonnesteek krijgen en laten wilde beesten je met
rust. In een gebouw weerhoudt Bijvoet, Elven en boosaardige wezens ervan binnen
te treden en bossen Bijvoet worden door de Ainos in Japan gebruikt om geesten
van overledenen te bewegen om het huis niet binnen te treden, doden zouden een
hekel aan de geur van de plant hebben. In China wordt het boven de deur gehangen
om boze geesten te verdrijven. Bijvoet wordt ook gedragen om lust en
vruchtbaarheid te verhogen, om rugpijn te voorkomen en om ziekte en
krankzinnigheid te genezen. Naast het bed helpt Bijvoet in het bereiken van
astrale projectie en geeft zeer levendige en voorspellende dromen.

    

|