Toen Cerberus, de hellehond van Hades, het daglicht aanschouwde,
was hij ontsteld en begon te kwijlen;
uit het kwijl schoot de giftige monnikskap uit de bodem op.
                                                                                                                                    (Ovidius)

Blauwe monnikskap ~ Aconitum napellus

Alle delen van deze plant zijn giftig zowel bij aanraking als bij inname.
Ook de honing in de bloem is giftig!
Van het blad kan het gif via de huid worden opgenomen: kinderen mogen het blad dus niet plukken.

Geen kruid om zonder handschoenen aan te pakken!
(Prikkeling, maagpijn, braken, buikloop, gevoelloosheid, hartverzwakking, huidontsteking).

De Blauwe Monnikskap is een winterharde vaste plant die ongeveer 1.30 hoog kan worden.
Donkerpaarse bloemen in juni-augustus. Op een vochtige plaats in de halfschaduw staat deze mooie plant het liefst. De hele plant is giftig dus pas erg op met kinderen, als u kinderen heeft plant deze plant dan liever niet en anders op een plek waar kinderen niet bij de plant kunnen komen, verder is het geen probleem als u de plant aanraakt en mocht u met het sap in aanraking komen vanwege verplanten of iets dergelijks, was uw handen zodra u klaar bent. Toepassing : Vroeger werd de plant gebruikt als pijnstiller en sterk kalmerend middel. Heksen paste deze plant zelfs toe om hallucinaties of toekomstbeelden te zien. Tegenwoordig word de plant op deskundige wijze als homeopatisch medicijn tegen astma en angsten gebruikt.

Aconitum carmichaelii 'Arendsii' is een van de meeste populaire monnikskapsoorten geworden door zijn fluweelachtig bloemen en late bloeiperiode die zich tot oktober uitstrekt, vandaar genomineerd tot topkeuze.
Ideaal ook voor een najaarskleur in de border. De bladeren zijn donkergroen, dik en diep
generfd.

                         

Gebruik:

Aconitum zijn zťťr mooie borderplanten die bloeien met lange trossen van 5-tallige bloemen.
Ze worden veel toegepast in natuurtuinen en bostuinen. Ook in de vaste planten border leveren zij altijd een meerwaarde.
Ze zijn mooi in combinatie met Astilbe, Cimicifuga, Anemone (Japanse en herfstanenmonen), Digitalis en Monarda.

Standplaats:

Zij groeien in elke cultuurgrond die voldoende vochtig is maar goed doorlatend. Ze houden van zon maar prefereert bij voorkeur een licht beschaduwde plek met morgenzon. Vooral in de winterperiode moet het grondwater en regenwater snel en afdoende afgevoerd worden.

Giftigheid:

Alle delen van de monnikskap plant zijn giftig, dwz. zowel de bladeren, bloemen, stengels als de wortels. Vandaar zijn ze ook veilig voor konijnenvraat.
Van oudsher is deze plant al gekend en gevreesd vanwege haar sterk giftige werking. In de oudheid was het een probaat middel om je van je ongewenste echtgenoot te ontdoen.
In de tijd van keizer Trojanus (jaar 117) wordt het zelfs verboden om de plant te kweken, omdat er kennelijk teveel gebruik van werd gemaakt!
Vanaf de Middeleeuwen wordt Aconitum als geneesmiddel gebruikt.
Ook nu nog is het bekend om de werking op het hart en als pijnstiller bij reumatische en zenuwpijnen.
In de homeopathie is het een vaak gebruikt middel in acute situaties.

Vermeerderen:

Monnikskap kan vermeerderd worden door zaaien, maar het gaat veel makkelijker door het delen van de knolvormige wortelstokken in het najaar of het vroege voorjaar.

De gele monnikskap ~ (Aconitum vulparia) is eveneens een zeer giftige plant die behoort tot de Ranonkelfamilie en staat op de Rode Lijst van planten als zeer zeldzaam en matig afgenomen.
In BelgiŽ rondom de Voerstreek en op verschillende plaatsen in de Ardennen en in de Maasvallei (Yvoir). In Nederland komt de plant in de regio Zuid-Limburg.

De plant wordt 50 tot 125 cm hoog. De bladeren zijn niet tot de voet ingesneden en de bladslippen zijn breder dan 10 mm.

De gele monnikskap bloeit van juni tot augustus met bleekgele bloemen.
Het bovenste, 2 cm hoge kelkblad heeft de vorm van een helm en is meer dan 2 keer zo hoog als breed. De bloeiwijze is een tros. De bovenste nectars staan verticaal op een rechte nagel, dat een draadvormig ingerold spoor heeft.
De vrucht is een kokervrucht, waarvan er meestal drie voorkomen.

De plant komt voor op kalkrijke grond langs beken, rivieren en in loofbossen.

Magie:

Monnikskap heeft magische krachten maar vanwege zijn giftigheid kan de plant beter niet toegepast worden in magische rituelen.
Vroeger gebruikten de heksen deze plant soms ook in hun "vliegzalf".
De samenstelling van deze "vliegzalf" zou samenhangen met "zwarte magie".

Medisch Gebruik:

Bepaalde extracten van de plant worden heden nog gebruikt tegen zenuwpijnen.
Het is niet aan te raden om, eender welk experiment dan ook, zelf met deze plant uit te proberen!
Afblijven is dus de boodschap!