|
  

  




Brandnetel:
Urtica dioica
Brandnetelachtige Urticaceae
Andere namen: Grote brandnetel / Gewone brandnetel
Engels: Bigsting/ Stinging nettle/ Common nettle, Duits: Große Brennessel,
Frans: Ortie dioïque
De
Brandnetel is een wintervaste plant met een kruipende, vertakte wortelstok.
De opstaande rechte stengel is niet vertakt, is vierkant en draagt
tegenovergestelde, lang-ovale, spits toelopende groftandige bladeren.
Bladeren en stengel zijn dicht bezet met borstelige en brandende netelharen.
De plant wordt tot 1.50m hoog, is meestal 2-huizig en heeft onschijnbare
groenwitte bloemetjes. Mannelijke bloementakken staan stevig af, vrouwelijke
bloemtakken hangen in lange ritsen in de bladoksels.
Bloeitijd: juni tot september. De kleine brandnetel (Urtica urens) wordt tot
80 cm hoog en is eenjarig en heeft zowel mannelijke als vrouwelijke bloemen.
Romeinse soldaten zouden brandnetels rond 400 na Christus mee naar het
noorden hebben genomen. Ze gebruikten het tegen de kou. Een brandnetel zal
niet prikken als u hem van onderen beet pakt.
De naaldjes in de stengel, staan namelijk schuin naar boven.

De
gewone brandnetel is een overblijvende plant die zowat overal ter wereld
voorkomt. Hij heeft altijd in aanzien gestaan als middel tegen vele kwalen,
vanwege zijn hoge voedingswaarde -hij is rijk aan ijzer- en zijn
bloedzuiverende werking in het voorjaar.
Je hebt de kleine en de grote brandnetel, en beide groeien op rijke, vaak
bemeste gronden.
De stengel is behaard, de bloemen zijn groen en zitten in de oksel van de
bladeren.
Die bladeren zijn voorzien van brandharen. Deze brandharen hebben een zakje
met mierenzuur. Wanneer je de brandharen aanraakt, breken deze af en komt
het mierenzuur in de huid.
Van de plant maak je lekkere en gezonde thee, die het bloed zuivert.
Vroeger dacht men dat de brandnetel een plant van de duivel was. Men
verdacht de mensen die er gebruik van maakten, dat ze aan tovenarij of
zwarte magie deden.
De slierten van de brandnetel werden ook als zwepen gebruikt in de
Middeleeuwen. Paters en monniken die boete deden, geselden zichzelf met deze
brandnetelzweepjes. Deze boetedoening deden ze ook om gezondheidsredenen.
Het verblijf in de klamme en koele ruimten bezorgde hen dikwijls reuma.
De brandnetels hielpen als anti reumatische behandeling.
We kennen de brandnetel ook in de keuken. Je maakt er de lekkerste soepen
mee. Je moet dan wel de jonge blaadjes trekken en gebruiken voor dit
festijn.
Brandnetels werken, net als spinazie, verjongend en verkwikkend en je kunt
er (eventueel) ook zeer gezonde haarshampoo mee maken.
De brandnetel kan ook een uitstekende hulp zijn in de tuin!
Laat gedurende drie dagen een massa brandnetels rotten in vers regenwater.
Doe er nadien de brandnetel uit. Besprenkel nu de planten die aangetast zijn
met rupsen. Deze zullen als de bliksem uit de tuin verdwijnen. De gier is
ook een prima bemesting. Brandnetels zijn nuttig, maar hou ze best buiten je
tuin.

Als
geneesmiddel wordt het kruid en de wortel gebruikt.
Werking en karakter.
Het is een uitstekend bloedreinigend middel en dus ook tegen vele kwalen.
Brandnetel is bloedzuiverend, bloedstelpend, zwakke vochtafdrijver,
anti-allergisch en zeer voedzaam.
Tegen huidaandoeningen
zoals acne, eczeem, uitslag, netelroos, zweren en psoriasis.
- Allergische
aandoeningen zoals, allergie, hooikoorts en astma.
- Tijdens de menstruatie om zware bloedingen te verlichten,
bloedreinigend, bloedarmoede.
- Brandnetel stimuleert de nieren, goed bij reuma en jicht op de
urinewegen.
- Bij een vergrote prostaat (netelwortel).
Gebruik de thee of tinctuur als spoeling bij haaruitval en bij een droge
(schilferige) hoofdhuid.
De bladeren geven een groene kleurstof af en de wortels een gele.
De kleine brandnetel (urtica urens) wordt in de homeopathie gebruikt bij
netelroos.
De jonge bovenste bladeren kunnen het hele jaar gekookt worden gegeten als
spinazie of als soep. Gekookte brandnetels steken niet.

Volksgeloof:
Er
is een volksgeloof dat brandnetel de bliksem aantrekt, vandaar ook de naam
dondernetel.
Nu heeft een onderzoek aangetoond, dat op de plaats waar zeer welig de
brandnetel tiert, twee aardstralenbundels elkaar snijden. Zo'n snijpunt is
bijzonder krachtig kosmisch werkzaam en het blijkt een punt te zijn waar de
bliksem bij voorkeur inslaat.
Als het niet waar is, dan is het toch aardig gevonden, aldus een Italiaans
spreekwoord.
 
De
plant:
De
plant heeft een stevige vierkante stengel, wat wijst op weerstand. De
stevige wortels zijn lang en uitgebreid en verankeren de plant goed in de
grond. Ze maken de grond open en rul en daardoor rijp voor andere planten.
Brandnetel ruimt op en zet ook het organisme aan tot reiniging.
De Grote brandnetel is een vaste plant. In het late najaar sterven de
bovengrondse delen af maar ondergronds blijft de taaie, sterk vertakte
wortelstok betere tijden afwachten. Vroeg in het voorjaar komen hier de
nieuwe scheuten uit tevoorschijn.
Brandnetelplanten zijn ofwel mannelijk, ofwel vrouwelijk. Je hebt dus op z'n
minst twee planten nodig om tot vruchtbaar zaad te komen. Maar dat is geen
probleem, want Grote brandnetel is een zeer algemene plant: nitraat- en
fosfaatminnend. Meer nog! Hoe meer voedsel (mest) er beschikbaar is, hoe
beter ze kunnen concurreren. En ze zijn dan nog eens zeer tolerant voor
schaduw ook. Gezien de ons omringende akkers floreert deze soort in onze
tuin dus voortreffelijk.
Zolang ze niet overdreven oprukken mogen ze trouwens blijven.



Op
de Grote brandnetel komen namelijk tientallen vlindersoorten voor, onder
andere Atalanta, Distelvlinder, Dagpauwoog, Kleine vos, Landkaartje,
Gehakkelde aurelia en nog een meute Uiltjes ook. En daarnaast nog een paar
wantsen, kevers, cicade en bladluizen.
Als ze al te talrijk worden kan je brandnetels blijkbaar nog opeten, en het
schijnt ook een goed middel te zijn tegen bladluizen. Hiervoor moet je een
emmer vullen met brandnetels, deze onder water zetten en enkele dagen laten
staan. Het goedje gaat enorm stinken. Dan zeven en op planten spuiten die
door bladluizen aangetast zijn. In elk geval milieuvriendelijker dan
chemische bestrijding.
Brandnetel werd vroeger veel in de keuken gebruikt. Nu is het culinair
gebruik van het kruid voor de meeste mensen onbekend. En onbekend maakt
onbemind. Men zegt echter dat de brandnetel een zeer smakelijk kruid is,
waarvan men de jonge toppen in soepen, aardappelgerechten, Engelse pudding,
soufflés, groentetaarten of voor het vroeger zo bekende brandnetelbier
gebruikt. Bovendien bevat de plant veel voedingsstoffen, zoals ijzer,
magnesium en kalk.
Gebruik altijd alleen de hele jonge bladeren en stengeltoppen. Brandnetel
kan zowel alleen of in combinatie met paardenbloem, zuring, melde, zevenblad
of andere mild smakende planten als groente worden bereid.
Brandnetel smaakt ook goed als ze worden fijngehakt en vermengd met kwark.
De plantedelen moeten altijd eerst worden geblancheerd (= kort koken of
"fruiten").
* Brandnetelsoep
(6 personen)
250
gram erwten diepvries
1 grote ui grof gehakt
1 prei grof gehakt, alleen het wit v/d prei gebruiken
2 teentjes knoflook grof gehakt
2 eetlepels boter
1,2 liter groentebouillon eventueel te vervangen door water met 2
groentebouillonblokjes
150 gram brandnetelblad in dunne reepjes gesneden
½ bos verse munt in dunne reepjes gesneden
Fruit de ui, prei, knoflook glazig in de boter, voeg de erwten toe en verhit
5 minuten mee. Blus af met de groentebouillon, breng aan de kook en laat 20
minuten zachtjes doorkoken. Pureer de soep met de staafmixer, zeef de soep
en breng op smaak met zout en peper.
Voeg 1 minuut voor het opdienen de reepjes brandnetel en munt toe.
Tip, serveer bij de soep een crostini met gesmolten geitenkaas.

* Brandnetelbier:
100
brandnetelstengels(met blad)
12 liter water
1,5 kg suiker
50 gram wijnsteenzuur
15 gram gist
Kook de bladeren 15 minuten. Laat uitlekken, suiker en wijnsteenzuur
toevoegen aan kookvocht. Af laten koelen tot het koud noch warm aanvoelt.
Gist toevoegen en goed doorroeren. Afdekken met een schone doek en 24 uur
laten staan. Verwijder het schuim. Doe het bier in beugelflessen. Open de
flesjes, voorzichtig, eenmaal per dag, gedurende de eerste vier dagen.
Klik ook even op de knop ... daar vindt je nóg een recept voor dit bier.

* Brandnetelstamppotje:
Benodigdheden voor 4 personen
700 gram aardappel schoon
2 zakjes brandnetelthee
150 gram crème fraiche
50 gram roomboter
500 gram brandnetelblaadjes gewassen
100 gram zongedroogde tomaten
125 gram groene pesto
50 gram pijnboompitten
200 gram in dunne plakken gesneden Coburgse ham (bij de slager laten
snijden)
Bereidingswijze
stamppotje:
Kook de aardappelen gaar in ruim water waaraan 2 zakjes brandnetelthee zijn
toegevoegd.
Afgieten en tot puree stampen, voeg hieraan toe de roomboter, slagroom en
breng de smeuïge puree op smaak met zout, peper en wat geraspte nootmuskaat.
Zet pan weer op hoog vuur en meng onder voortdurend roeren de
brandnetelblaadjes door de puree gedurende 4 minuten. Vuur laag en voeg
groene pesto aan de stamppot toe. Breng indien nodig de stamppot hoger op
smaak met heksenkruiden.

Brandnetel
pasta:
Benodigdheden.
Brandnetels (als ze al wat ouder zijn, alleen de toppen).
Magere spekblokjes.
Pasta (naar keuze).
Roomsausje uit een pakje, bij tuinkruiden.
Geraspte kaas.
Werkwijze:
Brandnetels goed wassen en grof hakken.
Pasta gaar koken en de spekblokjes even bakken.
De brandnetels bij de spekblokjes voegen en laten slinken (er blijft weinig
van over, gebruik dus veel brandnetels)
Voeg het roomsausje toe en daarna nog even doorwarmen.
Roer de gekookte pasta erdoorheen en het is klaar om op te dienen.
Doe er, in je bord, wat geraspte gruyèrekaas over.








De
witte dovenetel lijkt een beetje op de brandnetel. Dat kun je ook aan de
naam zien. Vergelijk de bladeren maar eens. Toch behoren ze niet tot
dezelfde familie. De witte dovenetel behoort tot de lipbloemigen. Ze groeien
in de buurt van huizen, op afvalterreinen en langs wegen (op stikstofrijke
bodem). De bloemen zijn geneeskrachtig. De geurige thee heeft een goede
smaak. In het voorjaar kunnen de jonge bladeren samen met die van de
brandnetel gegeten worden als spinazie.
De bloeitijd is van mei tot augustus. De plant kan tot anderhalve meter hoog
worden, maar blijft afhankelijk van seizoen, standplaats en klimaat ook
steken bij 30 of 40 cm.
Het zaad heeft een mierenbroodje, waardoor het door mieren verspreid wordt.
Dovenetel komt van `doof' (brandt niet bij aanraking) en `netel' (naar
gelijkenis met Brandnetel). Jonge toppen kunnen als spinazie bereid of in
soep verwerkt worden. Ganse plant verspreidt een typische geur
De witte dovenetel groeit en bloeit zowat overal waar er genoeg vocht in de
grond zit. Op het eerste zicht heeft de dovenetel wel iets weg van de
brandnetel, maar wanneer je duidelijker gaat kijken, valt het verschil
tussen de bloemen vooral op. Ze behoren dan ook tot een verschillende
familie. De plant wordt nu nog als thee gebruikt bij mensen en kinderen die
lijden aan bloedarmoede. De dovenetel kan wit, geel of paars bloeien. Daarin
zit ook het naamverschil tussen de witte, gele en paarse dovenetel.
De jonge scheuten kun je in de soep of salade doen. Verder kun je ze samen
met andere groenten als spinazie eten. De thee wordt aanbevolen bij
nierklachten (wat niet geldt voor de gele variant).
De bloemen van de witte dovenetel smaken lekker naar honing. Vroeger zogen
de kinderen het nectardruppeltje op. Dat was een echte lekkernij.
De purperen bloemen zijn iets kleiner dan die van de witte dovenetel. Maar
een komkommerschotel ziet er feestelijk uit, als je er wat van die kleine,
mauve bloemen over strooit.
De paarse dovenetel is in het voorjaar een van de vroege bloeiers. Een plek,
waar deze plant bloeit valt niet alleen op door de lilla bloei, maar ook
omdat de bovenste stengelbladen de zelfde tint kunnen vertonen.
Daardoor lijkt de bloei veel rijker dan hij in werkelijkheid is. De plant
heeft geen ondergrondse uitlopers
Gele dovenetel is goed voor mannenmiseries.
Wanneer je last hebt van slechte urineafscheiding, watermoeilijkheden,
branderig gevoel in de urinewegen, verlamming van de blaas bij oudere mensen
of een kou op de blaas kan gele dove netel helpen. Maak een aftreksel van
deze plant (kruid overgieten met kokend water en 20 minuutjes laten
trekken). Zeven en toevoegen aan het water voor je zitbad.




    

|