Zoek een
open plek in het bos, of een viersprong in een landelijk gebied.
Bepaal de windrichtingen aan de hand van de zon, of zoek de
poolster als het nacht mocht zijn.
Je hebt een schaal met korenaren, tarwe of gerst nodig en een
klein flesje zelf geweid water.
Maak indien nodig, de ruimte vrij van gevallen takken of
kreupelhout terwijl je de planten vertelt waarom je dit doet.
Sta een paar minuten stil om de sfeer te doen verstillen, plaats
het graan en het water in het midden en trek dan deosil (met de
wijzers van de klok mee) de cirkel terwijl je zegt:
Bij
het zuivere licht wijd ik deze plek, dat het een plaats moge
zijn om te werken.
Een bescherming tegen vijandige krachten, waarin ik nu mijn
werk mag doen.
Keer naar
het oosten en zeg:
Heren
van de Dagenraad, van de vroege mist en geurige wind, woon
deze rite alstublieft bij en bescherm de cirkel.
Visualiseer een tijdstip vlak voor de dageraad in de lente, met
licht dat door de takken van de bomen speelt en mist die tussen
de bomen beweegt.
Als je dit beeld duidelijk voor ogen hebt.
Keer dan naar het zuiden en zeg:
Heren
van de hete middag, van de warmte van de Zon, woon deze rite
alstublieft bij en bescherm de cirkel.
Maak een
beeld van een landschap dat droomt onder de hete middagzon in de
hoogzomer. Hoor het gonzen van bijen en ruik de geur van het
gras.
Keer dan naar het westen en zeg:
Vrouwe
van de Stromende Wateren,van de bronnen en de rivieren:
Vrouwe van de avond, woon mijn rite alstublieft bij en
bescherm de cirkel.
Denk aan
een herfstavond.
Je staat aan een zeekust bij de monding van een rivier.
De zon gaat onder, werpt een gouden pad op de zee en kleurt de
hemel van lichtrood tot lichtgeel en diep donkerblauw.
Wanneer je dit duidelijk ziet keer je naar het noorden en zeg
je:
Vrouwe
moeder van de Aarde.
Vrouwe van de donkerste nacht, woon alstublieft mijn rite
bij en bescherm de cirkel.
Denk aan
de donkere nacht in hartje winter. Sneeuw ligt dik op de grond,
de sterren schitteren als diamanten en de maan is een slanke
sikkel. Wanneer je dit helder voor de geest hebt, ga je in het
midden van de cirkel staan en zeg je:
Dit is
de Oogsttijd. We hebben de eerste korenschoven binnen
gehaald en het eerste brood van het jaar is gebakken.
Ik geef dank aan de Vrouwe van de Aarde, die zo'n overvloed
bracht, en Haar gemaal, de Heer van het koren, die in deze
tijden geveld wordt, om Zijn lichaam aan de mensen te geven.
Neem de
schaal met koren mee naar het oosten en zeg:
Voor
de zegeningen van de Lente en de vroege groei van dit koren
zeg ik dank.
Ga met de
schaal naar het zuiden en zeg:
Voor
de zegeningen van de Zomerzon en het rijpen van dit koren
zeg ik dank.
Ga met de
schaal naar het westen en zeg:
Voor
de rijpheid,voor een droge Herfstoogsttijd zeg ik "dank".
Ga met de
schaal naar het noorden en zeg:
Voor
de koelte van de Aarde, die het zaad voedt, zeg ik dank.
Ga terug
naar het midden, neem het water en sprenkel het over de cirkel
terwijl je ronddraait.
Als je dit gedaan hebt blijf je in het midden en keer je naar
het oosten.
Zeg dan:
Ik
dank voor de koele Lenteregens, die maakte dat het zaad
ontkiemde.
Kijk naar
het zuiden en zeg:
Ik
dank voor de warme Zomerregen, die het zaad deed groeien.
Kijk naar
het westen en zeg:
Ik
dank voor de zachte Herfstregens, die het koren helpt te
rijpen.
Kijk naar
het Noorden en zeg:
Ik
dank voor de komende Winter, wanneer dit koren mijn brood
zal zijn.
Sta even
stil en mediteer over de groei en oogst en het brood dat een
geschenk is. Ga tegen de wijzers van de klok in naar het
noorden.
Haal het beeld duidelijk voor ogen en zeg dan:
Vrouwe
Moeder van de Aarde, Vrouwe van de donkerste nacht, ik dank
U voor het bijwonen van mijn ritueel en het beschermen van
mijn cirkel.
Ik wens U voorspoed en zeg U vaarwel.
Laat het
beeld zachtjes verdwijnen en ga naar het westen.
Haal het beeld weer duidelijk voor ogen en zeg:
Vrouwe
van de stromende wateren, van de bronnen en de rivieren, ik
dank U voor het bijwonen van mijn rite en het beschermen van
mijn cirkel.
Ik wens U voorspoed en zeg U vaarwel.
Laat het
beeld vervagen,ga naar het zuiden.
Haal het beeld weer naar voren en zeg:
Heren
van de Hete Middag, van de warmte van de Zon.
Ik dank U voor het bijwonen van mijn rite en het beschermen
van mijn cirkel.
Ik wens U voorspoed en zeg U vaarwel.
Laat het
beeld weer vervagen, om je vervolgens naar het oosten te wenden.
Weer het tafereel voor ogen houdende zeg je:
Heren
van de Dagenraad, van de vroege mist en de geurige wind, ik
dank U voor het bijwonen van mijn rite en het beschermen van
mijn cirkel.
Ik wens U voorspoed en zeg U vaarwel.
Laat dit
tafereel vervagen; Keer terug naar het midden. Wacht een moment
en beëindig vervolgens je cirkel.
Doe dit, vooral buiten, waar geen andere mensen zouden kunnen
komen door, widderhins lopend (tegen de wijzers van de klok in),
te zeggen:
Vergaar, vergaar al wat ik in de cirkel liet, vergaar
vergaar opdat men hier geen sporen ondervindt.
Geen spoor dat hier de rust verstoort, of bang maakt wie
niet bij ons hoort. Vergaar vergaar al wat hier is.
Maak met
je rechterhand gebaren alsof je iets verzamelt dat je over je
linkerarm hangt. Als je hiermee klaar bent loop je naar het
midden van wat de cirkel was, daar pak je het in.