|

  
  

  

    

Terwijl de
basisaankleding van het altaar hetzelfde blijft, treedt er zoals
typisch voor Mabon een verandering op in de kleuren en ook in
enkele magische instrumenten.
Met Mabon moet je het altaar in herfstkleuren hullen zoals goud,
oranjerood, vossenrood, koperroos en brons.
Gedroogde varens, goudbloem, wolfsmelk, tarwe, esblad,
laurierblad, kattenstaarten en distels komen ook in aanmerking
om het altaar rond Mabon te versieren.
Je kunt ook een kom met eikenbladeren of eikels op het altaar
zetten die je magie extra kracht bijzetten. In de buurt moeten
manden staan met kalebassen, graansoorten, pompoenen en fruit.
Naast de zwarte en witten kaarsen respectievelijk links en
rechts, zetten we links dikwijls ook een gouden of gele kaars en
rechts een bruine of roodoranje.
Twee kelken bronwater en een schoteltje met zout ertussen
vertegenwoordigen de tranen van de Godin.
Je zult ook een ritueel mes (athame) nodig hebben, een grote
staf, een tarwehalm en fruit, hetzij op het altaar of in een
mand.
Met Mabon staat het altaar naar het westen, waar de zon
ondergaat.
Het altaardoek is gewoonlijk goudkleurig, maar mag elke kleur
hebben die bij deze tijd van het jaar past. Verder zul je nog
een peyton (groot altaarpentagram) moeten hebben, een gouden of
bronzen sikkel, Mabonolie en wierook voor voorspoed (zie
"Aardemagie" - brouwsels), houtskool, een wierookbrander en
altaarlucifers.
Denk erom dat je houten lucifers gebruikt zonder iets van
reclame op het doosje: er mag geen andere geschreven tekst dan
die van de bezwering in de cirkel zijn.
  

  

  

De
hogepriesteres draagt een kroon die versierd is met
eikenbladeren, graan en eikels met loshangende oranje,
bronskleurige en gouden linten. Een appel ter vertegenwoordiging
van de Godin zetelt middenvoor in de kroon. Wij schilderen
blauwe tranen op onze gezichten in navolging van Modron’s tranen
voor haar zoon.
Als priesteres draag je rituele zwarte gewaden om het licht naar
je toe te trekken.
Met Mabon kun je aan je tenue ook de kleuren van de zon en de
aarde toevoegen, soms door een stola te dragen in oranje,
wijnrood, geel en bruin met een gouden bies voor de zon. Als je
goed kunt naaien of borduren zou je de zon– en aardesymbolen op
je kleding kunnen naaien of appliqueren. Het symbool voor de
Aarde is een bruine ruitvorm.
De zon wordt voorgesteld door een gouden cirkel met een stip
middenin.
Je zou de runen voor Moeder, Aarde, Zon, bescherming, leven en
wedergeboorte kunnen borduren. Je zou ook symbolen en runen
kunnen aanbrengen met een speciale pen die je in
handenarbeidwinkels kunt krijgen. De hogepriester draagt
eikenbladeren, tarwe, kruiden en gekleurde linten in zijn kroon
of hoofdtooi.



  


Mabon en
Modron voeren samen één van de grote drama’s op, in het Wiel van
het Jaar.
Een feestdag is een emotioneel moment van vreugde en verdriet.
Terwijl Modron het leven van haar zoon Mabon transformeert
voelen en beleven wij de
polariteit van de menselijke emoties. Dit gebeuren heeft een
weloverwogen doel.
Dood en wedergeboorte worden als troostrijk ervaren gezien het
vermogen van de Grote Moeder om het leven voort te zetten
voorbij de dood. Er is niets ter wereld tragischer dan een
moeder die het leven van haar kind verliest. En niets is
liefelijker dan het groeien van een kind in de moederschoot.
Op vele plaatsen gloeien in de herfst oranje, roze, gele en
wijnrode bladeren op tegen het donkergroen van balsembomen en
dennen. De hemel is dikwijls helderblauw en zachte frisse
briesjes doen dikwijls de gevallen bladeren ritselend opwaaien.
Op vele heuvelhellingen zie je oranje pompoenen en kalebassen
wanneer de boeren ze na de oogst te koop leggen op kraampjes en
karren langs de weg, samen met rijpe rode appels en gedroogde
maïs. Je voelt bijna vanzelf de balans veranderen wanneer de zon
de evenaar passeert. Het ritme van verandering is heilig en
brengt ons fysiek en spiritueel in evenwicht.
We kunnen waarlijk weten en voelen dat we met de stroom van het
leven meegaan wanneer we inhaken op de geest van het Al.
Nu maken we ons op om magie te gaan bedrijven en ons engagement
aan het leven en het geloof te verdiepen.
Ook wij kunnen net als de seizoenen veranderen, en onze wereld
en allen daarin beter maken. Dit bereiken we via ritueel en
feestviering. Het ritueel brengt elk van ons tot een eenheid met
de Godin en de God. Door hun werk hier op aarde uit te voeren
worden wij sterker doordrongen van hun bestaan en hun macht. In
het ritueel zien wij af en toe een glimp en een flikkering van
de energie van de Godin en God, die wij belichamen. In deze
extatische magische momenten zijn wij het universum.
Vóór het opstellen van een altaar of het binnenstappen van een
magische cirkel moet je jou gedachten laten gaan over een
evenwichtbrengende meditatie van enigerlei aard.
Bij deze wenteling van het Wiel zul je behoefte hebben om wat na
te denken over de betekenis van je leven en je magie.
Maak een lange wandeling in de herfstomgeving. Schop de bladeren
op zoals je deed toen je een kind was. Ga op een boomstam zitten
kijken naar de vormen die de wolken aannemen en die je kunt
schouwen of duiden. Denk aan de voorbije zomerzon en de koude
winter met ijs en sneeuw die eraan komt. Vraag jezelf het
volgende: Ben ik gereed om verandering tegemoet te treden? Ben
ik gereed om warmte te scheppen in de winterse periode op deze
aarde en in mijn leven? Kan ik het licht in een donkere situatie
terug doen keren als zich die mocht voordoen?
Waarom veranderen de seizoenen? Vindt de verandering zowel
binnen als buiten mij plaats? Heb ik het vermogen te veranderen?
Heb ik gelijk als ik verandering, verlies en winst bespeur? Wat
is mijn oogst? Wat is er om dankbaar voor te zijn in mijn
familie, gemeenschap of de wereld in het algemeen?
Neem twee uur vóór het moment van de nachtevening een warm bad.
Gebruik kruidenoliën als je dat wilt, kleed je in je rituele
kleding en doe je sieraden om en maak je op om het altaar voor
Mabon in te richten.


De hogepriesteres werpt de cirkel driemaal met de klok mee en
zegt:
Ik
werp deze cirkel en creëer een gewijde ruimte, een
toegangspoort tot de Andere Wereld.
Deze cirkel zal ons beschermen voor alle negatieve en
positieve krachten die ons kwaad zouden willen komen
doen.
De eerste ring die ik werp is zwart, de tweede is wit en
de derde is goud.
Zo zij het.
Terwijl ze haar armen opheft naar het universum zegt de
hogepriesteres:
Ik
ben soeverein hier in dit land. Mijn kasteel is het
tehuis van magie en mist, van bossen en boerderijen, van
grote schoonheid.
In dit land regeert de Godin en haar zoon is
opperheerser.
De Elfen zwerven door dit land en treurige muziek
vervult deze dag op dit uur de lucht. Modron, O! Grote
Koningin en Aardemoeder, wij roepen hier tot U om in Uw
smart te delen.
Hogepriester:
O!
God in de schaduwen, grote Zoon uit Modron, wij bidden
om Uw terugkeer uit de geheimzinnige wereld die U
gekluisterd houdt.
De kracht van Uw straling is de vreugde van uw moeder.
Modron is de Aarde en de Moeder die wij allen bezoeken.
Haar bitterzoete treurzang voedt Uw terugkeer en laat U
steeds weer opnieuw geboren worden.
De priester tipt met zijn rituele mes een klein beetje zout van
het schoteltje in één van de kelken met natuurlijk bronwater en
zegt:
Het
zout van Uw tranen is op ons gezicht.
De priester mengt het zout door het water, pakt de kelk op,
doopt zijn vinger erin en brengt die naar het gezicht van de
priesteres en daarna naar zijn eigen gezicht.
Dan geven de priesteressen en de zangers dikwijls een snik om
het verlies van het kind en soms beginnen ze zelfs te huilen.
De priesteres laadt, zalft en ontsteekt de kaarsen en strooit
wat wierook op de hete houtskool.
Wanneer ze de kaarsen aansteekt zegt ze:
Ik
ontsteek deze kaarsen
om het licht van de Zon terug te halen naar de Aarde.
Dan neemt de priesteres een bosje tarwehalmen in haar linkerhand
en in haar rechterhand de (gouden) sikkel.
Ze heft beiden omhoog naar de hemel en zegt:
De
punt van deze sikkel is het glanzend licht van Mabon.
Dan slaat ze met de sikkel op de tarwe en legt de halmen op het
altaar.
Hogepriester:
Wij
danken de God en Godin voor de rijke overvloed die ons
ten deel valt en het leven op Aarde in stand houdt.

Voor het altaar staat een mand met brood, tarwe en allerlei
soorten fruit.
De priester en priesteres lopen naar de mand, pakken daar
vruchten uit en heffen die ten hemel terwijl ze tezamen zeggen:
Wij
brengen dank aan onze Ouden.
Wij brengen dank aan onze God en Godin die ons in deze
tijd van de grote oogst overladen met grote zegeningen.
Ze leggen allebei het fruit weer neer en lopen naar het altaar.
De priesteres pakt de kelk met bronwater op.
De priester pakt het rituele mes op en steekt het lemmet omhoog
naar de zon.
Hogepriesteres:
Wij
verheugen ons in uw terugkeer, Mabon.
Welkom op aarde als boreling en als zaad.
Welkom.
Allen in de kring herhalen:
Welkom.
Hogepriester:
Met
dit lemmet breng ik in deze heilige kelk met water de
energie van de Zon omlaag.
Zoals de dag is tot de nacht, de man tot de vrouw, laad
ik deze kelk met de energie van de God en de Godin.
Verenig U.
Laat het zo zijn.
De priester zet het lemmet in het water.
Priester en priesteres sluiten hun ogen om te visualiseren hoe
het licht van de Zon het water van de kelk binnendringt.
Dan doen ze hun ogen weer open.
De priester legt het mes op het altaar en de priesteres tilt de
beker op om die iedereen in de kring te laten zien.
Ze neemt een slokje van het water en overhandigt de kelk aan de
priester, die ook een slokje van het heilige water neemt.
Hogepriesteres:
Wij
zijn allen gezegend en dankbaar.
Wij zullen ons verblijden en feestvieren bij het
ontwaken van deze oogst.

Hogepriesteres en hogepriester tezamen:
Nu
heffen wij de kegel van kracht omhoog.
Alle deelnemers volgen de priester en priesteres na wanneer
dezen hun handen van hun zij naar de hemel opheffen en zich
vervolgens bukken en beide handen op de Aarde leggen.
Allen:
Gezegend is de Aarde.
Iedereen staat op.
De
priester pakt de peyton op en wijst er eerst mee naar het
westen, dan naar het oosten, het noorden en zuiden.
Hij legt hem weer op het altaar neer.
De
priesteres pakt de staf op.
Ze loopt achteruit of tegen de klok in met uitgestoken staf de
kring rond en zegt:
Deze cirkel wordt nu de kosmos ingezonden om ons verzoek
uit te voeren.
Deze cirkel word opgeheven maar niet gebroken.
Zo zij het.
Alle deelnemers omhelzen elkaar nu lachend en blij en er wordt
gefeest en gedanst.
  

  
Het Wiel is opnieuw verder gedraaid, hopelijk of misschien, voor een
beter leven(?).




    
 |