


  


(Mabon ~ Herfstequinox ~ Herfstnachtevening)
(Tweede oogst ~ Fruitoogst)
(Rond 23 September)
In
1960 gaf
Alex Sanders, oprichter van de
Alexandriaanse traditie de naam Mabon
aan de herfstequinox. De god Mabon werd vooral geassocieerd met
jeugdigheid en zonlicht.
Als jonge god past hij eigenlijk meer bij het lente feest maar in die
context werd hij nooit genoemd. Zijn naam betekent zoon van
de moeder.
In de
mythologie werd hij op de derde dag na
zijn geboorte gestolen en pas jaren later terug gevonden. De associatie
ligt nu dus bij het verdwijnen van de zoon en het verdwijnen van de
krachten van de zon.
Rond
1985 werd de naam Mabon ook in de
Nederlandse wiccans geïntroduceerd en later door anderen overgenomen.
Mabon wordt eveneens vernoemd in
de
Welshe
Mabinogion.
Zijn Iers -
Keltische tegenpool is waarschijnlijk
Aengus Óg.
De Romeinen vergeleken hem met hun
Apollo.
Mabon betekent zoveel als "zoon van Modron(de
moeder)", of "zoon van
de Aarde".
Zijn naam verwijst ook naar het Keltisch voor "grote
zoon".



Op de herfstnachtevening van
23 september zijn dag en nacht weer opnieuw even lang geworden maar in
de dagen ~ weken en maanden die volgen zal, tot en met Yule, de
duisternis weer stilaan de overhand nemen op het licht. Op dat
moment vieren de heksen de Mabonsabbat of het feest van Maponos.
Het gebruik van het woord Mabon is van recente datum.
Onze
voorouders vierden nooit een feest dat bekend stond als Mabon.
Hier en daar vonden er wel feesten plaats rond de
herfstnachtevening, maar aanwijzingen als zou de equinox met dezelfde
intensiteit gevierd zijn als Beltain, Coamhain of Samhain zijn er niet.
In
1960 gaf
Alex Sanders, oprichter van de
Alexandriaanse traditie de naam Mabon
aan de herfstequinox. De naam Mabon refereert aan de mythische figuur Mabon, zoon van
Modron, die voorkomt in de
Mabinogion, een middeleeuwse Welshe
verhalenbundel. De naam komt van het Keltische Maponos of Grote
Zoon. In de
Welshe mythes werd de jonge God gestolen van Modron, wat
Grote Moeder betekent, op de derde dag na zijn geboorte. Pas na
jaren werd hij teruggevonden door koning
Arthur.





Mabon verwijst in de moderne
hekserij dus naar de God zelf, die zich offerde met Lughnasadh (1
augustus) en op weg is naar de onderwereld. Hij is de mannelijke
versie van de Griekse Godin
Persephone die afdaalt naar de onderwereld,
waarna de gewassen op aarde afsterven. De Mabonsabbat luidt het
einde van de oogst van gewassen en vruchten in. Met Lughnasadh was
de oogst begonnen, nu zijn nagenoeg alle vruchten van de arbeid
geplukt.
In het oude Griekenland
werden rond die periode ook de Eleusische mysteriën gevierd. Door de
Eleusische mysteriën konden de mensen er namelijk voor zorgen dat ze het
goed zouden hebben in de Onderwereld. (Zie verder in "Mabon"). Zoals een pagan goed probeert
te leven om aan de 'andere zijde' te komen, zo waren de mysteriën een
middel om een goed leven na de dood te hebben. Iedere vijf jaar werd een
geheimzinnig en plechtig feest georganiseerd om
Demeter (de moeder van
Persephone) te danken voor haar gave van de landbouw aan de mensheid.
Deze Eleusische mysteriën stonden in hoog aanzien, voor sommige
overtroffen ze zelfs de Olympische spelen. Het feest was geconcentreerd
in Eleusis, vandaar ook de naam. Eleusis was een stad op nog geen 25
kilometer van Athene en stond voor iedereen open. Zowel vrouwen als
mannen konden op dezelfde voorwaarden worden ingewijd en bij de
vieringen was geen onderscheid tussen arm en rijk. Je mocht alleen niet
meedoen als je een zware crimineel was, een beoefenaar van hekserij of
als je iemand gedood had (ook al was het een ongeluk). Degene ie werd
ingewijd in de Eleusische mysteriën, kreeg een bijzondere band met alle
goden en was daardoor niet alleen verzekerd van succes en geluk, maar
vooral van voorrechten in de Onderwereld. De leden van het feest
moesten geheimhouding zweren en wie over de rituelen praatte, werd
meteen gedood. Dit is ook de reden waarom geleerden zo weinig over
die ceremonies weten. Elk jaar voor de Grote mysteriën onderging de
kandidaat een uitgebreid reinigingsritueel. De inwijding was
angstaanjagend. De kandidaat zag visioenen en geestverschijningen, de
tempel beefde, er klonken afgrijselijke geluiden, bliksems lichtten op,
en dit alles speelde zich af tegen een achtergrond van diepe duisternis
of dansende vlammen. Na de inwijding kon de kandidaat meedoen aan de
Grote mysteriën, een feest van negen dagen met processies (plechtige
optochten), rituele baden, spelen, offers, plengoffers (een offer
waarbij een vloeistof op het altaar werd gegoten) en gezang.

De ingewijden kregen onder
meer een korenhalm te zien, terwijl er gezegd werd: "In de stilte
wordt het zaad van de wijsheid gewonnen", een tekst die ook in de
heksensabbat voorkomt. In de oude Keltische bomenkalender, zoals
beschreven door
Robert Graves in The White Goddess, valt Mabon in de
boommaand van de
braam. De braam is een klimmende plant die
spiraalsgewijs voortwoekert. De spiraal is het symbool van dood en
wedergeboorte, een gegeven dat met Mabon herdacht wordt. In de
meeste volksgebruiken in
West-Europa was het de gewoonte om geen bramen
meer te plukken na het einde van september. Na die tijd waren ze bestemd
voor de geesten. Soms werd het taboe op het eten van vruchten na een
bepaalde datum kracht bijgezet door erop te wijzen dat de duivel dan op
de vruchten gespuugd zou hebben. Wie van de vruchten at, zou het
ongeluk tegemoet gaan. De
braam komt niet enkel voor in de Keltische
bomenkalender en in de volksgebruiken, maar eveneens in de
heksensabbat.
Het is de doornige plant die de weg naar de onderwereld
verspert. Nochtans moet de God die drempel nemen, wil hij diep in de
Aarde doordringen om haar te bevruchten om de oogst van het volgende
jaar te kunnen verzekeren.
Ook in de volksgebruiken en
–feesten zijn er verwijzingen te vinden naar de herfstequinox. In
verschillende dorpen in Vlaanderen en Nederland werden er rond die
periode markten georganiseerd, zodat er inkopen konden worden gedaan
voor de komende donkere periode. Er waren paardenmarkten,
ganzenmarkten en zelfs de zogenaamde vrijersmarkten, die vaak gekoppeld
waren aan een paarden- of schapenmarkt. De huwbare dochters werden
op die markten ‘getoond’. Die jonge vrouwen droegen zakdoeken met zich
mee, die door geïnteresseerde jongemannen afgepakt werden. Die
markten herinneren aan de
Teltownhuwelijken(*) die in Ierland plaatsvonden
tijdens de vieringen rond Lughnasadh. *(Een soort Groene-Woud-Huwelijken).
(Zie "Beltane").
Ook tijdens de
Sint-Lambertusfeesten die in België en Zuid-Nederland rond 17 september
gevierd werden, stond de lichtsymboliek van de herfstequinox centraal.
De streekheilige
Sint-Lambertus werd volgens de
hagiografie
onthoofd, wat een verwijzing kan zijn naar de geofferde Lichtgod (Lugh).
Kinderen gingen op de avond van zijn naamfeest rond met kaarsen, of
er werden lichtpiramides gebouwd. Herfstbladeren en dergelijke worden
op een hoop gerakeld en verbrand (bonvuren). Vuur is een heel
krachtig en vernietigend element! Wees er heel voorzichtig
mee!


    

Een kort
Herfstritueeltje: Licht en duisternis zijn in harmonie Dag en
nacht zijn even lang

Oh
Godin, Aradia Oh God, Karnayna Licht en duisternis zijn in
harmonie Dag en nacht zijn even lang Help de wereld dit evenwicht,
deze polariteit te behouden. Vervul ons met liefde en respect, om ons
warm te houden in deze koude tijden. Dan sluit ik mijn ogen en
visualiseer ik een warme straal van liefdevolle, harmonieuze energie die
uit mijn lichaam straalt naar de rest van de aarde en naar de wezens die
deze aarde bewonen.
Hierna volgt de cake- en
wijnceremonie, waarbij de cake en de wijn wordt doorgegeven en
uitgedeeld. Aan het eind van ieder heksenritueel wordt er gegeten en
gedronken.
Het is niet de bedoeling dat
je alles van dit ritueel klakkeloos overneemt, het is bedoeld om te te
inspireren bij het schrijven van je eigen ritueel. Natuurlijk kun je
wel dingen overnemen, als deze ook goed voor jou werken, maar nooit
zonder er eerst goed over na te denken. Sommige rituelen, spreuken
of chants (gezangen) werken nu eenmaal niet voor iedereen. Daarom is
het altijd "afwachten".






  


 |