  
  
(Maponus ~ Herfstnachtevening ~ Herfstequinox)
(Rond 23 September)

  


Mabon (Maponus), zoon van Modron, spruit
voort uit de Welshe mythologie.
In
Welshe mythologie is Modron de Goddelijke
Moeder en een dochter van Afallach, afgeleid van de Keltisch-Gallo-Romeinse
Godin 'Matrona'.
Modron wordt ook gelijk gesteld aan Morgan le Fay, uit de
Arthur legende.
Modron is de moeder van Mabon, die haar naam draagt als 'Mabon ap Modron' ("Mabon,
zoon van Modron").
Mabon werd van haar gestolen toen hij drie dagen oud was en werd later gered
door Koning Arthur.
In Welshe sagen en
legenden wordt Modron geïmpregneerd door Urien en geeft zij geboorte aan
Owain en Morvydd.
Haar
Gallische tegenhangster 'Matrona'
is een Gallo-Romeinse Moedergodin en beschermgodin van de rivier
de Marne. Ze is ook de vruchtbaarheids- en
de oogstgodin, vaak gelijkgesteld met de Griekse
Demeter of de Ierse
Danu.
In Brittannië verschijnt ze als een wasvrouw, wat direct verwijst naar een
verband met
De Morrigàn. (Zie ook "Morganna" en "Elfen
en Goden").



Maponus (Mabon).
Op dit punt van het Wiel
van het Jaar vier ik graag het universele verhaal van Mabon, dat ons via de
oude proto-Keltische mondelinge traditie is overgeleverd.
Mabon ap Mordon, wat “zoon” of “zoon van de moeder” betekent, is de Jonge
Zoon, de Goddelijke Knaap, of, beter gezegd, de Zoon van het Licht.
Net zoals de nachtevening van september een significant moment van
verandering inluidt, doet ook de geboorte van Mabon dat. Modron is zijn
moeder, de Grote Godin, Hoedster van de Andere Wereld, Beschermster en
Genezeres.
Zij is de Aarde zelf.



(Modron)
Mabon,
zoon van de Welshe godin Modron, zou toen hij pas drie nachten oud was zijn
ontvoerd en gevangen gezet in
Gloucester. Maar omdat hij de hond in bedwang
had die
Culhwch nodig had om de hand van
Olwen te winnen, werd hij bevrijd.
Culhwch was in de Welshe mythologie een zoon van
Cilydd, één van de ridders
van Arthur. Zijn stiefmoeder haatte Culhwch zo, dat ze de vloek uitsprak dat
hij alleen met Olwen, dochter van de reus
Ysbaddaden kon trouwen. Dit bleek
niet zo erg te zijn toen Culhwch, na een jaar zoeken, Olwen vond en hevig
verliefd op haar werd.
Alleen moest hij haar vader ertoe bewegen met een huwelijk in te stemmen.
Net als bij de Ierse cycloop Balor moesten Yspaddadens oogleden speciaal
worden opgeheven, wilde hij Culhwch kunnen zien. En net als
Balor zag hij
ook weinig in een huwelijk van zijn dochter met een gewoon mens. Op
achtereenvolgende dagen wierp de reus giftige speren naar Culhwch en zijn
metgezellen, maar die wisten ze steeds terug te gooien. Toen Culhwch
zodoende de reus van een oog beroofde, stemde hij in met een huwelijk, mits
Culhwch enkele zware opgaven verrichtte.
Met hulp van
Arthurs ridders en goddelijke bondgenoten slaagde hij daarin.
Vervolgens doodde hij Yspaddaden en trouwde met Olwen.
Met zijn hond hielp hij het zwijn
Twrch Trwyth te vangen en tussen de oren
van dit die het scheermes te bemachtigen waarom Olwens vader had gevraagd.
Twrch Trwyth, een Welshe koning, werd vanwege zijn zonden veranderd in een
reusachtig zwijn.
Tussen zijn oren had hij een kam, een schaar en een
scheermes.
Het bemachtigen daarvan was één van de zwaarste opgaven die Culhwch in
opdracht van de reus Yspaddaden moest verrichten om met diens dochter Olwen
te kunnen trouwen. (Culhwch
& Olwen).
Het zwijn kwam in vele Keltische mythen en op beelden en inscripties voor.
Het was verbonden met de oorlog en met feestmalen.
Verder bestaat er veel onduidelijkheid over Mabon. Misschien was hij
voordien Maponos, de Keltische god van de Jeugd, die uiteindelijk als
krijger in de Welshe mythologie terecht kwam. De Romeinen kenden Maponos en
stelden hem gelijk aan
Apollo, de god van de waarzegkunst.
Apollo was een zoon van
Zeus en de
Titane
Leto, en de tweelingbroer van de
jachtgodin
Artemis. Als god van de waarzegkunst, het boogschieten en de
muziek was hij een van de belangrijkste Grieks-Romeinse godheden.
De oorsprong van zijn naam is waarschijnlijk Europees.
Na een gevecht met de gigantische draak
Python in
Delphi vestigde Apollo
aldaar zijn beroemde orakel. Python was een nazaat van
Gaea, moeder Aarde,
die via een rotsspleet openbaringen verkondigde. Een priesteres, de
Pythia,
zat boven deze spleet en kon alle denkbare vragen beantwoorden.
Apollo's interesse in de geneeskunst houdt misschien verband met
de pest,
die hij zelf verspreidde. Zijn zoon
Asclepius genas ook, met name in
Noord-Griekenland.
Hij was er zelfs zo goed in dat Zeus hem met de bliksem trof toen hij een
mens tot leven probeerde te wekken.



(Modron)
Vanaf het moment van septembernachtevening neemt de kracht van de zon af tot
het moment van de winterzonnewende in december, wanneer de zon weer sterker
wordt en de dagen opnieuw langer worden dan de nachten. Ook Mabon verdwijnt,
want hij wordt kort na zijn geboorte, nog slechts drie dagen oud, ontvoerd.
Zijn moeder verzinkt in weemoedige treurnis. En ofschoon zijn verblijfplaats
in nevelen gehuld blijft, wordt Mabon uiteindelijk bevrijd met behulp van de
wijsheid en het geheugen van de oudsten der levende dieren - de Merel, de
Hertenbok, de Uil (ikke dus), de Arend en de Zalm.
De figuur in het verhaal die hem probeert te vinden stelt ieder totemdier de
rituele vraag: “Zeg mij of gij ook iets weet van Mabon, de zoon van Modron,
die toen hij drie nachten oud was werd weggehaald van tussen zijn moeder en
de muur?”
Maar al die tijd heeft Mabon als een tevreden gevangene vertoefd in Modron’s
magische Andere Wereld - Modron’s moederschoot. Dat is een heerlijk oord vol
koestering, maar ook vol uitdagingen. Alleen vanuit een zo wonderbaarlijk
oord van hernieuwde kracht kan Mabon worden herboren als zijn moeder’s
voorvechter, een bron van vreugde en de Zoon van het Licht. Mabron’s licht
is de Aarde getrokken, waar het voldoende kracht en wijsheid vergaart om tot
nieuw zaad te worden.
Om de thema’s van Mabon’s verhaal te begrijpen moet men de realiteit van en
de betekenis achter een
archetypische wereld accepteren. De
archetypen van Mabon en Modron zijn de eerste vormen of de eerste modellen waardoor wij
informatie kunnen bekijken die zich niet volledig door apparaten of fysieke
zintuigen laat meten.
Zij overstijgen de grenzen van de
conventie en kunnen
zoals het hele
pantheon van Godinnen en Goden heen en weer reizen tussen de
werelden.
Heksen hebben, net als de Kelten, die eveneens hekserij beoefenden, een
diepgeworteld gevoel van tegelijk en naast elkaar bestaande, veelvoudige
tijdsdimensies.
Er zijn vele tijscycli en vele ervan overlappen elkaar. Wij
geloven in onze geschiedenis, maar wij geloven ook in het bestaan van
waarheid buiten de tijd.
Het verhaal van Mabon en Modron weerklinkt omdat het een
archetypisch
verhaal is door alle eeuwen heen en is voor alle figuren uit alle
godsdiensten in alle werelden.
Er zijn vele Mabons en vele Modrons. De
Griekse god Apollo deelt veel van Mabon’s eigenschappen. Mabon’s
Gallische
naam is Maponus, Mabon werd vereerd langs de muur van
Hadrianus, en er zijn
nieuwe aanwijzingen dat hij lang vóór de komst van de
Vikingen in Noord -
Amerika werd vereerd!
Hoewel er veel aan is veranderd worden aspecten van Mabon en Modron ook in
de latere joodse en christelijke religies aangetroffen.
Wij krijgen allemaal een culturele identiteit op grond van de manier waarop
wij deze vertellingen uit het verleden interpreteren en ons zelf daarin een
plaats geven. Bij de septembernachtevening, dat dramatisch ogenblik van
kosmisch evenwicht zowel als verandering, breng ik een rituele hulde aan
Mabon en aan de Grote Godin, zijn moeder Modron. Het ritueel in het boek
stamt uit de Cabot-traditie en maakt deel uit van de door de Tempel van de
Negen bronnen in Salem, Masachusetts, teruggewonnen liturgie. Ze wordt
alleen als voorbeeld gegeven.
Je kunt ook je eigen rituelen samenstellen, iets waartoe ik je ten zeerste
aanmoedig.
  







Er zijn
harde bewijzen voor gevonden dat de Keltische goden en godinnen reeds lang
voor de komst van de
Vikingen en
Christoffel Columbus in Amerika werden
aanbeden. Zo’n groot deel van de Amerikaanse geschiedenis is tot nu toe
teloor gegaan of verward met de legende en de volksgeschiedenis van de
Indianen.
In zijn opmerkelijke, baanbrekende boek America B.C.: Ancient Settlers in
the New World, doet professor
Barry Fell van Harvard verslag van de
verbluffende
archeologische ontdekking van Keltische altaren, staande stenen
met teksten in
Ogham (het Keltisch alfabet) erin gekerfd, kommen voor
plengoffers en andere rituele kunstvoorwerpen daterend van 800 tot 600 vóór
Christus.
In
Massachusetts zijn
dolmen ontdekt, en bij Museru Hill in
New Hampshire
een Beltanesteen daterend uit de tijd van Julius Caesar. In
Danbury in
Connecticut is een stenen monument blootgelegd dat georiënteerd lag op het
punt van de
Winterzonnewende. Daar dichtbij zijn nog andere structuren
gevonden met teksten in
Ogham erop waarin de Keltische zonnegod
Bel eer werd
betuigd.
Altaren met teksten in Ogham ter ere van Mabon, de Jonge God, werden ontdekt
in Zuid-Woodstock,
Vermont; en een houten masker van de Gehoornde God
Cernunnos is samen met vele andere kunstvoorwerpen opgegraven bij Spiro
Mound in
Oklahoma - de geboortegrond van
Laurie Cabot.
De Kelten in Amerika hebben bij hun stroom-opwaartse reizen over de
Mississipi,
Arkansas en
Cimmaron een spoor van inscripties en
grafheuvels achtergelaten! Dankzij
Barry Fell's uitputtende en heroïsche naspeuringen
naar de prehistorie van Amerika hebben wij nu voor het eerst
wetenschappelijk bewijs voor iets waar zoveel Amerikaanse heksen van
gedroomd hebben of altijd in geloofd hebben - dat, inderdaad, de Kelten
(Vikingen) heel
zeker in Amerika zijn geweest en er nazaten achtergelaten hebben, in die
tijd!
Daarom voelen ze daar nog de macht van
Merlijn in de oude bossen van
Lenox
in
Massachusetts en de Elfenenergie in hun tuinen.
En dat kan ook de reden zijn waarom de meeste mensen vinden dat wat de
sjamanen bij de
Indianen doen zoveel op de gebruiken lijkt uit de oeroude
heksentraditie.
  


  
 |