Ostara ~ Eastre ~ Eostre ~ Oosterfeest
(Germaanse feestdag)
(Rond 21 maart - Lentenachtevening)

Inleiding
 
Het paasfeest zoals we het nu kennen is de gekerstende versie van het feest dat de heidenen vieren: Ostara, naar de gelijknamige godin, ook wel Eostre genoemd.
Beide namen stammen af van Ishtar of Astarte, een oerelement uit de Oude Wereld van de verre voorchristelijke Soemerische en Mesopotamische (Babylonische) oorspronkelijke godenwereld. (De eerste goden die naar de algemene westerse religies geleid hebben ontstonden bijna allemaal in Mesopotamië, Soemerië en Anatolië)!
In deze pagina zal kort ingegaan worden op de oorsprong, de inhoud en de achtergrond van dit paganistische lentefeest Ostara, nu gekend als het misleidende "Pasen"
(Joods = Pesach).


Etymologie

Wanneer we ten oosten en ten westen van ons kijken, zien we landen waar men het paasfeest respectievelijk Ostern en Easter noemt. (Duitsland & Groot - Brittannië).
De geestelijke Beda Venerabilis (673-735) vermeldde in zijn "De temporum ratione" dat de Saksen een godin kenden die 'Eástre' heette, en dat ze de maand Maart 'Esturmonath' noemden.
In het Oudhoogduits heet Eástre eveneens Ostara.
Het feest dat ter ere van haar plaatsvond heette Ôstartage, wat een meervoudsvorm is van dag van Ôstarâ: het feest duurde twee dagen.
Zoals duidelijk moge zijn ontleent het Engelse Easter zijn naam aan Eástre, en het Duitse Ostern zijn naam aan Ostara.
Vroeger kenden we in België en in Nederland ook "Ooster" of het "Oosterfeest".
De cultus rond de godin Ostara was dermate diepgeworteld, dat de Kerk hem in plaats van te vernietigen gelijkstelde aan het oude Joods-Christelijke Pesachfeest.
Hiervan komt het huidige Nederlandse 'Pasen'.
In Skandinavië houdt men er een soortgelijke benaming op na.
Zo heet het in Zweden 'påsk'.
De reden hiervoor is dat men in het hoge Noorden Ostara niet kende, want ze was alleen bekend bij de Saksische volken en ook nog zuidelijker.
Ook in Spanje is deze feestdag niet echt geheel opgenomen onder het algemene volkse kerkgebeuren zoals wij dat hier nu kennen.
Daar is ook wel sprake van "Las Pascuas", maar dat slaat dan weer meer op de eindejaarsfeesten van Kerstmis tot en met Driekoningen en bepaald ook meer de "christelijke feestdagen" in het algemeen.
Ook al vernoemd de Kerk in Spanje het paasfeest onder "Pascua".
In Spanje viert men in de plaats van Pasen "la Semana Santa"(de Heilige Week), welke ook draait rondom de dood en de verrijsenis van Christus.
Bij de bevolking wordt "la Semana Santa" gezien als een "rustperiode" in het algemeen. Daarin komt, vandaag de dag, "Pascua" wel tevoorschijn zij het in een meer informatieve benaming onder de context van het Bijbelverhaal over Christus (zijn dood en wederopstanding).
In deze Spaanse viering zien we de ware uitbeelding van Pasen, in de ogen van de christenen onder de noemer van Semana Santa "Heilige Week" en de " 4 Heilige Dagen" en niet zozeer onder Pascua (Pasen).
De Spanjaarden zelf genieten gewoonweg van de paar dagen rust.
De viering, in 't algemeen zoals hier bij ons, blijft gewoonweg achterwege. Hier spreek ik wél in het algemeen en doel ik niet op de "pilarenbijters" v.d. Kerk.
Trouwens, vele Spaanse Kerkelijke vieringen gebeuren op de ons alom bekende Wicca - wijze, natuurlijk met een overheersende christelijk sausje overgoten.
In Spanje, net als in de Skandinavische landen kende men geen Ostraraviering.
Van de Keltische godheden die wij kennen, vereerden ze daar vooral Lugh en Epona.

Noord Spanje bevond zich ooit onder de Keltische bezetting, waarvan het Baskisch nog een overblijfsel is, daar het doorspekt is met proto-Keltische woorden en benamingen, alsook met het uitgestorven Iberisch taalgebruik. (Leuke koeterwaalse taalmix).
Ook de oude cultuur, aldaar, staat daar nog steeds mee in verbinding (Baskenland, Cantabria, Asturia en Galicia).
Kortom, de streken rondom de Golf van Biscaye (alsook het gedeelte in Frankrijk) en langsheen en in Portugal.
In Noord Spanje staat het paganisme nog steeds hoog aangeschreven onder de benamingen van "Culto Solar" (Lugh) en (of) Brujeria (hekserij), alsook onder "mitologia" (mythologie).
In Spanje spreekt men ook van "Celtiberia" (Keltisch Spanje).
Noord Spanje herbergt zelfs een VOLLEDIG HEKSENDORP, waar deze oude religie nog steeds hoogtij viert.
Dat dorpje noemt
Barahona de las Brujas, nabij de stad "Soria" in de Rioja regio.
- (zie ook via
Google).
Ook in de regio's van "
Cantabria" vind men vele pagan-gerichte interesses en verhalen terug. De omgevingen in die streek lenen er zich ook toe.
Van Baskenland tot Galicia zijn nog vele Keltische dolmen en megalieten te vinden.
Zo stelden zij een boek samen, dat nog volledig naar hun paganverleden verwijst.
Het boek is nog niet vertaald en dus volledig in het Spaans.
Het noemt: "
Dioses, Mitos, Héroes y Leyendas de Cantabria" en is te vinden bij:
"Impressión: J. Martinez, S.A.G. Maliaño (Cantabria)".
De eerste druk werd ontworpen door: "Génesis Composición, S.I., Santander".
> De identiteit van dit boek:
* ISBN: 84-96042-18-9. * Depósito Legal: SA-844-2004.
Het boek is rijk geïllustreerd en verkrijgbaar in de betere Spaanse boekhandels.
Het maakt trouwens deel uit van de geschiedenis van
Santander (stad) en van
Cantabria (regio).

Ziehier een voorbeeldje van Pascua (Pasen), voor diegene die het Spaans wat onder de knie hebben.
De andere kunnen nog altijd naar "Babylon" toe, voor een "vertaling":

Recordar algunos aspectos de la Pascua Judía puede esclarecer la comprensión de la Pascua Cristiana. El pueblo hebreo celebra las Pascuas en conmemoración de la víspera del éxodo de la opresión egipcia en busca de la Tierra Prometida por Dios a Abraham. Para los cristianos, la Pascua es el paso de Cristo de la muerte a la vida y es la más importante de las fiestas cristianas. El domingo anterior a la Pascua Judía, Jesús llega a Jerusalén para celebrar esta fiesta con sus discípulos. Al llegar es recibido como Mesías pero, a la semana, es condenado a muerte y crucificado. Se consuman así la redención del pecado y la victoria sobre la muerte. En la Semana Santa se recuerda la entrada triunfal a Jerusalén, la Última Cena, la Crucifixión y la Resurrección de Cristo. Durante el Triduo Pascual (jueves, viernes y sábado) se realizan las celebraciones centrales de Semana Santa.

Jueves Santo
El Jueves Santo es una especie de "profecía" de la Pascua. En el Monte de los Olivos Jesús vive, concientemente y de manera anticipada, su Pasión y su Muerte. Este día se bendice el Santo Crisma, que se utilizará hasta el siguiente Jueves Santo. También se realiza la Misa de la Cena del Señor, en la que se recuerda la Última Cena que Jesús tuvo con sus amigos, los apóstoles. La Última Cena puede interpretarse como la instauración de la Misa.

Viernes Santo
Éste es un día de silencio, pues se recuerda la Crucifixión de Cristo y es, por eso, el único día del año en que no se realiza misa. En su lugar se hace una celebración en la que se recuerda la Pasión del Señor, se reza por la salvación de todo el mundo y se adora la cruz. Una de las tradiciones populares que ha tomado mucha fuerza en la celebración del Viernes Santo es la representación en vivo del Via Crucis.

Sábado Santo
El sábado por la noche se celebra la Solemne Vigilia Pascual o la Misa de Gloria. Es el punto final del Triduo Pascual. Cuando llega el momento de rezar la oración de Gloria se hacen repicar las campanas para anunciar a todo el mundo que Cristo resucitó. Según una antiquísima tradición los fieles cristianos encienden velas simbolizando la invitación de Cristo a su mesa.

Domingo de Pascua
El domingo es el día más importante del año litúrgico: se celebra la Resurrección de Cristo. La Resurrección es el fundamento de la fe en Jesús, ya que en ella se basa la esperanza de la salvación del mundo. La iglesia entera festeja el triunfo de Cristo sobre el pecado y es por ello que todas las iglesias se embellecen de flores y reúnen a toda la comunidad cristiana.



Tot zover het Spaanse "Pascua" (Pasen).

Ostara is een typische seizoensgodin en symboliseert de overwinning van het licht en het aanbreken van de vruchtbare periode: de lente.
Haar naam slaat dan ook op het oosten, de richting waar het licht, de zon vandaan komt.
Ostara is de godin van de stralende morgen, het stijgende licht en ze is een blijmoedige en heilzame verschijning.



De astronomische lente

Het Ostarafeest wordt gehouden rond 21 maart. Dit is het begin van de astronomische lente. Op deze datum passeert de zon de evenaar van zuid naar noord, en zijn dag en nacht overal op aarde even lang.
Deze datum valt precies tussen winterzonnewende en zomerzonnewende en vanaf dat moment worden de dagen langer (Lente & Zomer) dan de nachten (Herfst & Winter).
Met Ostara breekt de vruchtbare periode weer aan, en rond deze tijd worden ook andere vruchtbaarheidsgoden en -godinnen vereerd.


Symboliek

Volgens het volksgeloof maakt de zon op eerste paasdag drie vreugdesprongen voordat hij echt opkomt, een soort vreugdedans.
Water dat op deze ochtend uit de put werd gehaald was heilig en heilzaam.
Daarnaast kende men het gebruik van witgeklede jonge vrouwen die zich naar toppen van rotsen, heuvels en bergen begaven als de lente weer begon.
Dit refereert direct naar de oergodin.
Ook in het paasfeest van nu zitten nog heidense elementen.
We zullen de hieronder vermelde onderwerpen de revue even laten passeren:

Paasvuren

De paashaas en Paaseieren

Palmpasen en broodversieringen

Paasvuren

Nog steeds worden elk jaar op eerste Paasdag de zogenaamde Paasvuren aangestoken om de terugkeer van het licht en de lente te vieren, al is het de laatste jaren wel hard achteruitgegaan met dit gezellige gebruik. (Zie Paasvuren).
Met name in het oosten van Nederland komt het nog veelvuldig voor, alsook in Duitsland.
Traditioneel heeft men in de Saksische regio Paasvuren, en kent men in de Frankische gebieden de zogenaamde St. Jansvuren. Dit ook ter ere van "Johannes de Doper".
De St. Jansvuren vinden plaats met de Zomerzonnewende (Litha ~ Midzomer).
Vanzelfsprekend zijn er ook gebieden waar men beide tradities kent.
Paasvuren werden meestal gehouden op heuvels en bergen, en nu nog dragen sommigen de naam 'Paasberg'.


Paasvuren zijn een heidense gewoonte en hebben natuurlijk een hoop afgeleide tradities.
Zo is de Paarskaars waaraan men kaarsen aansteekt een gekerstende versie van het, reeds voorchristelijk, gebruik om takken van het Oostervuur mee naar huis te nemen om de haard mee aan te steken (zie ook Samhain).
Met de houtskool uit het Oostervuur maakte men het gezicht zwart en nam het mee naar huis: het was een afweermiddel tegen brand en blikseminslag.
Ook sprong men over het vuur voor heil en geluk.
Eeuwenlang heeft de Kerk geprobeerd de paasvuren en andere heidense tradities er omheen uit te bannen.
Een overzicht van huidige lokale paasvuren en achtergronden is te vinden in:

Tuttel/paasvuren

Deze link opent een andere pagina van een andere informatieve site (in Nederland).
Om terug te keren sluit je die pagina gewoon af.



De paashaas en de paaseieren

Ostara is het vruchtbaarheidsfeest, en een zekere eigenschap van de haas heeft hem de status van vruchtbaarheidssymbool verworven bij veel volkeren en culturen.
Vroeger dacht men (de Kelten) dat hazen eieren legden, daar hun nesten nooit te vinden waren of onbereikbaar waren. Die veronderstelling duurde jaren lang.
Later, toen men ontdekte dat de haas levendbarend was, heeft men deze zienswijze moeten veranderen naar een betere parallelle logica toe, zonder de haas te verwaarlozen.
De haas werd dan vervangen door een kip van Ostara, die haar eieren constant verborg.
Uit onvrede hierover veranderde Ostara haar in een haas om ze weer te zoeken.
Deze speurtocht komt niet alleen overeen die van kinderen tijdens Pasen, maar bijvoorbeeld ook met het zoeken naar het eerste kievitsei.
Het verband tussen de vogel en de haas wordt mogelijk verklaard door het feit dat sommige vogels hun eieren op de grond en in verlaten holen van hazen leggen.
Vroeger stopten boeren een ei in hun akker om de oogst te zegenen.
De eieren zijn, net als de haas, in veel culturen het symbool van nieuw leven.
Het beschilderen van de eieren is een gebruik dat zelfs bij volkeren in China bekend was.
De felle kleuren symboliseren de herlevende kleuren van de natuur.
Met name rood was populair en wordt nu nog in de heksen- en paganwereld gebruikt.
Deze kleur is bij uitstek verbonden aan Ostara want morgenstond, de roodgekleurde ochtendhemel in het oosten had, ook toen al, goud in de mond.


Palmpasen en Broodversieringen

Het gebruik om een versierde stok, een Palmpaas, met lekkers eraan rond te dragen is eveneens paganistisch van oorsprong.
Het komt van de Meiboomviering van de Germanen, waarbij men ten teken van de terugkerende zomer een versierde den ronddroeg.
In de top van de den zat een broodhaantje.
De den en de haan slaan op de wereldboom Yggdrasil en de haan Gullinkambi (Goudenkam) die in de top zat.
De haan is synoniem met de komst van het licht die hij elke ochtend aankondigt.
Broodhaantjes versieren nu nog de top van de versierde stokken en de goudkleurige hanen de gekruisigde toppen van de christelijke kerken. (Windhaan).

De gewoonte om dieren in broodvorm te gebruiken stamt uit de periode waarin men niet langer echte dieren onnodig wilde offeren.
Om de surrogaten toch een beetje echt te laten lijken zijn ze niet plat maar rond van vorm.
De kerk heeft meermaals geprobeerd om ook deze heidense traditie uit te roeien.


Besluit

Ostara is een prachtig schoolvoorbeeld van een zeer diepgewortelde heidense traditie.
Ondanks de pogingen van het nieuwe geloof, het christendom, om het te vervangen door hun eigen zwakke wederopstandingsverhaal, (trouwens ook weer afgekeken van het oude paganisme), heeft het Ostarafeest niet kunnen doen vergeten en nog veel minder kunnen vervangen. (Wat heel aannemelijk is).
Hoewel de christenen Ostara hebben gekerstend en dus de elementen ervan in hun eigen symboliek nieuwe invulling hebben geprobeerd te geven, is het paganistisch karakter van Ostara onmiskenbaar het énige, échte, ONVERVALSTE en ORIGINELE "Paasfeest" van het Westen.

Vrolijk Ostara!
(Rond 21 maart - Lentenachtevening)