In het antieke Armorica (Bretagne), bedekt met vlakten en bossen, wemelde het van uitzonderlijke wezens. Tussen de "Bugale an Noz" (kinderen van de nacht) zoals elfen, feeën, zeemeerminnen en reuzen, leefde een volkje, de Korrigans genoemd.
Van het ras der trollen, waarvan het ontstaan in onze streken nog altijd even mysterieus is zijn ze, volgens sommigen, afstammelingen van feeën of, volgens anderen, het gevolg van de ontbinding van de "oerreus".
Wat er ook van is, onder de noemer van Korrigans schuilt een volk van kleine wezens van diverse vormen en uiterlijk. Levend in goede verstandhouding met de mens die hen respecteert en vreest, waren de genieën van de streek en beschermers van de natuur. Dit evenwicht werd bij het begin van onze eigen tijdrekening vreselijk verstoord door een belangrijk feit. De opkomst en vooral de snelle verspreiding van het christendom deed hun invloed fors verminderen. In diskrediet en verjaagd van hun heilige gronden trokken de Korrigans zich terug in de diepten van de aarde, waar ze verder leefden.
Soms plagend soms venijnig, dikwijls bloeddorstig laten ze de mens nu betalen voor de verstoting waar zij het slachtoffer van waren.

Naargelang hun afkomst en hun hedendaags verblijf kunnen we de Korrigans opdelen in een zevental families. Zo spreken we van de Korrigans van de vlakten, van de bossen, van de moerassen, van de mijnen, van de kusten, van de huizen en van de bewakers van de schatten.
We zullen ze je allemaal voorstellen ... indien zij het toelaten.








Relaties:
Zwarte Elfen,
Trollen, Kobolden, Goblins, Kabouters, Heihussen, Orken.

De Korrigans zijn Bretonse dwergen ( kwelgeesten) die soms 's nachts onder elkaar vechten en het is dan beter dat je je niet op hun weg bevind.
Maar anders verdrijven ze de tijd met grote feesten rond de menhirs.
En wee de reiziger die het risico loopt meegesleurd te worden in hun gekke dansen tot volledige uitputting.

De Korrigans aan boord van schepen:

Ze zijn heel klein, zwart, met een grote beweeglijkheid. Zij bewegen zich geluidloos aan boord. Zij zijn het die handelingen ongedaan maken, de zeilen bruusk neerhalen, zich op de zeelui werpen en aan hun oren trekken om hen hun tabakspruim te laten inslikken.
Soms echter, als het schip proper is, kunnen ze een kompas lezen en maken ze de roerganger wakker als deze op zijn post inslaapt.
Een Korrigan is een reiziger die zich niet in verwarring laat brengen door uiterlijkheden, maar hij let meer op de ziel en de houding van de avonturier die hij tegenkomt op zijn weg.


De Korrigans zijn lelijk, met een bars uiterlijk en potsierlijk.
Ook al zijn ze klein, ze hebben de macht zich tot monsterachtige vormen op te doen zwellen, wat de mensen deden geloven dat ze de geesten waren van voorouderlijke reuzen.
Behalve het feit dat zij nuttig konden gebruikt worden om de schatten van de heuvels te bewaken zijn de Korrigans verachtelijke bandieten, volmaakte dieven en vandalen die soms gevaarlijk kunnen zijn. Ze zijn in staat de woningen van de mensen te plunderen, kinderen te kidnappen, ( in ruil lieten ze dan een afschrikwekkende Korrigan baby achter), tornado’s te werpen om de velden te vernielen, de oogsten te laten verwelken en nog vele andere denkbare toeren uit te halen.

Wij kennen het verhaal verteld door Robert Hunt in de populaire vertellingen van west - Engeland ( 1865) van een oude vrouw bij wie zich iedere nacht een bende Korrigans bevond om de buit te verdelen.
Iedere keer lieten de dieven voor de oude vrouw een geldstuk achter voor het gebruik van haar huis. Maar zij wou er meer.
Op een avond deed zij haar hemd binnenstebuiten aan, vermits binnenstebuiten gekeerde kleding even veel waard zijn om geesten te verwijderen als ijzer of gewijd water. Zodoende maakte zij zich meester van de buit van hun diefstallen.
Vanaf die dag leed zij aan duizend kwellingen telkens zij dit hemd aandeed.

Onzekere ruimte, waar de aarde het water ontmoet , tussen valstrikken en onzichtbare vallen zijn de moerassen, van de wijs brengend en verassend. Vroeger , oproepers van mistige visioenen, bevolkt met elfen en Korrigans, waren zij verontrustend. Nu, vreedzaam en gezond gemaakt, voeden deze bijzondere landschappen, zoals de woestijnen en diepe wouden, nog steeds de individuele en collectieve verbeelding. De Korrigans zijn er nog aanwezig!

Kleine zwarte mannetjes, met lange haren en met brede hoeden, verschijnen wanneer de nacht gevallen is, op ons platteland en overdag houden zij zich verborgen in de struiken, de heuvels, grafheuvels en zolders.
Ze kunnen « getemd « worden en aarzelen niet om diensten te bewijzen aan mensen wanneer ze waardig behandeld worden. Werk schrikt hen niet af, want onze genies zijn begiftigd met een buitengewone kracht .
Ze houden zich graag bezig met paarden en helpen vrijwillig de huisvrouw.

In de voorbije tijd, bestond er op de nabij gelegen berg een huis van de Korrigans, zonder twijfel een dolmen. En deze slechte kleine wezens hadden de kwalijke gewoonte aangenomen om elke nacht het kasteeltje binnen te vallen en zich over te leveren aan onverdraaglijke feesten. Men hoorde ze rennen van de kelder tot de zolder, elkaar aanroepend met hun lage en vals klinkende stemmen, terwijl ze in alle kamers een verschrikkelijke puinhoop maakten.
De bewoners en de mensen van Coatbilly waren niet beschut tegen hun plagerijen.
De laatsten onder hen die zich te ruste legden, konden er zeker van zijn dat ze op het vlezige gedeelte van hun lichaam, dat ze moesten uitsteken om zich in de gesloten bedstee te wurmen (de kont), een verschrikkelijke slag konden krijgen, dadelijk begroet met een snerpend gelach en gillen van uitgelaten vrolijkheid.
De geluidshinder was zo erg dat het leek alsof het huishoudgereedschap, de serviezen en de meubels zo verschrikkelijk door elkaar werden gegooid en geschud werden en van links naar rechts werden gesleurd, dat men verwachtte deze de volgende morgen uiteen gerukt of in stukjes terug te vinden. Maar niets was minder waar. Bij het ochtendgloren hadden alle dingen hun gewone plaats weer ingenomen zonder maar één spoor van de harde behandeling die de trollen hen hadden laten ondergaan. Trouwens, wanneer zij in de grote
zaal hun gekke dansen uitvoerden, begeleiden ze zichzelf met een Bretons refrein dat men een beetje kan vertalen als:



"Laten we lachen en dansen.
Van het schemerdonker tot zonsopgang.
Maar alles wat we uit elkaar halen, helaas, moeten wij weer herstellen".

Diepbedroefd dat hij niet meer vredig kon slapen en in de steek gelaten door zijn bedienden, die ergens anders een rustiger huis gingen zoeken, ging de Heer van Caotbilly de oude Tinah, van het huis der bewakers, raadplegen. Een ervaren matrone (engeltjesmaakster ?) en een zeer goede raadgeefster. Na haar een nieuwe Ecu en een legkip aangeboden te hebben, legde hij zijn geval uit tot in het kleinste detail.
De goede vrouw luisterde zonder een woord te zeggen. Zij dacht lang na, vervolgens stond ze op en ging op de drempel van haar huis staan en keek naar de zon die onderging, in de richting van het bos van Quistinic, in het midden van wolken rood als vuur.
Het gaat goed, zei ze. Er zal wind zijn deze nacht, we moeten er van profiteren. Maar zeg me eerst: langs waar komen de Korrigans binnen in uw kasteeltje?
Langs eender waar, Tinah. Als het nodig is zelfs door het sleutelgat.
Ik kan alles dichtdoen en zorgvuldig afsluiten, ze ontdekken toch steeds enkele openingen.
Maar ik moet zeggen dat ze alvorens mijn huis binnendringen, zij er een ronde maken en als ze een deur of een venster zien dat slecht gesloten is, ze langs daar naar binnen komen.
Wel Mijnheer, dit is wat geschikt is om te doen :
Deze avond laat U het zoldervenster open. U plaatst op de vensterbank een zak gevuld met pluimen, waarvan de opening los gemaakt is en naar buiten gekeerd. U maakt er een touw aan vast dat tot aan de voet van de muur hangt. Wees er zeker van dat de Korrigans van dit touw gebruik zullen willen maken om binnen te komen.
Ze zullen er gaan aan gaan hangen en door hun gewicht zal de zak kantelen. Maar hij zal niet naar beneden vallen
want U zult hem tegenhouden met een touw dat vastgebonden is aan één van de zolderbalken. Hij zal dus blijven hangen.
Heel de inhoud zal er uitvallen en door de wind worden meegenomen. Vermits ze, zoals ze toegeven in hun lied, verplicht zijn door hun natuur, alles wat ze overhoop halen weer in de oorspronkelijke staat moeten herstellen, zijn ze dus gedwongen om achter de pluimen aan te rennen en ze allemaal op te rapen.
Vermits deze door de wind naar de vier windstreken verspreid zijn zullen ze er nooit op tijd in slagen om ze te verzamelen en van schaamte zullen ze niet meer bij U terug komen.
De instructies van de oude vrouw Tinah werden opgevolgd, punt per punt en alles verliep zoals ze voorzien had.
Een verschrikkelijk concert van gekrijs en gevloek volgde op de val van de zak en de felle en hoge vlucht van de inhoud. Er volgde geren , gespring en geroep op de binnenkoer, in het bos, op de velden, op de weilanden en vervolgens verwijderde het geluid zich en verminderde, om uiteindelijk te verdwijnen.
Sindsdien heeft Coatbilly nooit meer bezoek gehad van de Korrigans en zijn vriendelijke bewoners kunnen weer op hun beide oren slapen vandaag, zonder bang te zijn voor slechte geesten.



Bretagne wordt bewoond door vreemde dwergen de "Korrigans"; Kleine monstertjes die elke avond onvoorzichtige wandelaars bang maken.
Hun indringend gelach klinkt door de velden en het platte land…..
Hoor je ze ? Luister goed…..


De Korrigans , van wie de oorsprong duister blijft, zouden voortkomen uit het uiteenvallen van de "belangrijkste reus".
Wat er ook van waar is, onder de naam "Korrigan" gaat een volk van kleine wezens schuil met verschillend uiterlijk.
Het zijn echte streekgenies, beschermers van de natuur.
In het diskrediet gebracht en verjaagd door de mensen uit hun heilige plaatsen, zijn de Korrigans gevlucht naar de ondergrondse diepten van de aarde.
Soms chagrijnig , altijd guitig, dikwijls wreed , hebben de meeste onder hen nooit opgehouden de mensen te doen betalen voor de manier waarop zij behandeld zijn.

De Korrigannatie wordt gevormd door verschillende stammen .
De « Kornikaned » bosbewoners, de « Korills » heidebewoners, zij dansen heel de nacht, de « Poulpikans » bewoners van poelen en moerassen,
de « Tuez » huisgenies, wonend in de huizen en hun omgeving.

Carnac, beroemd om zijn in rijen geplaatste menhirs, is niet minder dan de hoofdplaats van hun rijk.
De meest belangrijke kolonies van de Korrigans leven in de ondergrondse diepten van dit mystieke oord.
De « Kerions » van Carnac, die begiftigd zijn met een buitengewone kracht, zouden verantwoordelijk zijn voor de rijen menhirs.

Klik in de kader, voor de link met Carnac:


De « Korrigans » zijn Bretonse dwergen die min of meer goedwillend zijn:
« Poulpiquets », « Kornandons » en « Kerions » genaamd, leven ze meestal in de dolmen.
's Nachts dansen ze rond deze dolmen.
De witte cirkels die men soms ziet in de weiden, zijn de plaatsen waar ze gedanst hebben.
De Korrigans zijn zwarte en behaarde dwergen, ze hebben een enorm hoofd, zijn heel lelijk en zijn gekleed in een grijze stof.
De mannetjes dragen een grote hoed en de vrouwtjes een kleine violette muts.
De Korrigans zijn begiftigd met een bovennatuurlijke macht en een buitengewone kracht, maar zij zijn niet onsterfelijk.
Ook zij behoren tot de families van het grote Elfen- en Feeënrijk.
De Korrigans zijn niet minder dan een oeroud Keltisch Zwart Elfenvolk.




© Met dank aan Lady Bastet en Barbarian Guvnor voor de vertalingen uit het oud Frans.