Deze
historische molen - al gekend in 1229 - was eeuwenlang in het
bezit van het
klooster van Gempe.
Na de
Franse revolutie kwam hij in privéhanden.
Hij werd vrijwel altijd als
graanmolen gebruikt tot omstreeks
1950.
Eeuwenlang waren de
molens de enige "machines" die in onze noden
voorzagen.
Sinds 1944 is
de molen als
monument geklasseerd.
De
brouwerij van Haacht zorgde in 1991 voor een spectaculaire
restauratie. Er werd een volledig nieuw eiken rad gebouwd en het
sluiswerk en de molengoot werden vervangen.
De molen bevindt zich op de
Molenbeek, vlakbij de
samenvloeiingen met de Sassenbeek, de Kraaiwinkelbeek en de
Wingebeek.
De vallei is een drassig, mooi wandelgebied dat aansluit bij het
voor wandelaars vrij toegankelijke
Troostembergbos.
De uitgestrekte Gempevijver lokt vele soorten watervogels aan.
De naam "Gempe" is van Keltische oorsprong en betekent
"samenvloeiing".
Er vloeien (de reeds vier genoemde) grote beken samen: de Sassenbeek, de
Molenbeek,
de Wingebeek en de Kraaiwinkelbeek.
Hendrik I,
Hertog van
Brabant, schonk in 1229 een lap grond met een
watermolen te
Gempe aan het
klooster van Gempe.
Het klooster kreeg eveneens rechten op de grote Gempevijver, die
water leverde om de molen aan te drijven tijdens droge zomers.
In het begin van de 17de eeuw kreeg het
klooster de toelating om
de Molenbeek over meer dan 600 meter te verplaatsen om het
verval aan de molen te vergroten.
Het klooster heeft de molen lange tijd
verpacht aan een
maalder.
Bij de afschaffing van het klooster door de
Franse revolutie
kwam de molen definitief in privéhanden.
Hij werd vrijwel altijd als
graanmolen gebruikt tot omstreeks
1950.
Gempe heeft
zijn huidig karakter te danken aan de aanleg van de steenweg
Leuven -
Diest in 1783-1785. Deze steenweg liep dwars door het
domein van het klooster, op 500 meter ten zuiden van het
gehucht.
De lange rechthoekige vijver bij het klooster moest gedeeltelijk
worden verlegd, waardoor die zijn huidige V-vorm heeft gekregen.
Het klooster sneuvelde tien jaar later door de
Franse Revolutie
en werd grotendeels afgebroken. Het
gehucht raakte geďsoleerd.
Het verloor zijn
economische betekenis en groeide nadien niet
meer, wel in tegendeel.
Er werden haast geen woningen
bijgebouwd. Meerdere huizen begonnen te vervallen. De
herberg
werd in de jaren na 1945 niet geklasseerd als monument omdat het
dak bedekt was met golfplaten in
eternit.
De achterkant begon gevaarlijke barsten te vertonen.
In de jaren 1970 is het gebouw geleidelijk ingestort.
Op dit ogenblik blijft alleen het zijgebouw over.
De stallingen en de schuur van de afspanning zijn begin de jaren
1960 ingestort.
Gelukkig is niet alles verloren gegaan.
Een reeks oude woningen langs de Oude Leuvensesteenweg en de
Gempemolen werden in de jaren 1960 smaakvol gerestaureerd.
De Gempemolen werd in 1991 door
een brouwerij opgekocht en kreeg
een grondige opknapbeurt.
Het molenhuis is nu een sfeervolle
taverne.
Zij getuigen samen van het rijke verleden van
Gempe.
De
Holsbeekse cultuurschepen Rudy Janssens is in zijn vrije tijd
molenaar in de Gempemolen in
Sint-Joris-Winge.
Hij volgde hiervoor 120 uur les.
"Minstens eenmaal per maand zet ik de molen in gang om hem te
behoeden voor verval. Een
restauratie alleen is onvoldoende",
zegt hij.